
Gemeente buigt zich over recreatie en toerisme: ‘Bij een stad als Veenendaal hoort zo’n visie’
15 maart 2024 om 07:56 Politiek Tips van de redactieVEENENDAAL Tot nu toe was er nooit beleidsmatig iets over toerisme en recreatie op papier gezet. Niet dat de gemeente het niet belangrijk vond, integendeel. Nu de gemeente steeds meer samenwerkingen binnen de regio heeft, toerisme meer inhoudt dan een manier om de economie te laten draaien en woorden als duurzaamheid in dit verband meer betekenis gaan krijgen, is het tijd voor een officiële Visie Recreatie en Toerisme 2024-2028, die nu voorligt.
door Arjan van den Berg
,,Het is een mooi verhaal, maar wat we precies willen en hoeveel toeristen dit voor de gemeente op gaat leveren, is me niet duidelijk”, trapte Kees Lochtenberg namens Lokaal Veenendaal de bespreking in de commissie af. Hij zag bijvoorbeeld veel geld gaan naar de Grebbelinie, terwijl daar nu net niet veel toeristen naartoe gingen. Hij mistte duidelijke kaders. Voor de behandeling in de raad volgende week kondigde hij alvast een amendement aan over een gewenste camperplaats.
Hoeveel toeristen dit voor de gemeente op gaat leveren, is me niet duidelijk
De ChristenUnie vond het een ‘mooie visie, waarmee Veenendaal zich duidelijk op de kaart zette’. De aandacht voor de vaart, fiets- en wandelroutes, de parken en de vergroening werden gewaardeerd. De partij opperde om ook de wegen te promoten met bijvoorbeeld energy floors en een fitnessplein. Het verleden van Veenendaal zou mooi aan bod komen door wandelroutes langs historische plaatsen. Aandachtspunt waren de openbare sanitaire voorzieningen die wel ‘gering’ zouden zijn. De partij dacht er dan ook aan om daarover met een voorstel te komen.
KANSEN
D66’er Youssef Boutachekourt vroeg zich hardop af wat hij mensen moest vertellen als ze vroegen waarom ze naar Veenendaal zouden komen. ,,Ik ben even aan het zoeken waarin we als Veenendaal onderscheidend zijn, waarmee we toerisme zouden aanwakkeren in de regio. Ik lees wel iets over het verhaal van Veenendaal, maar of we daarmee toeristen gaan aantrekken, betwijfel ik.”
Hij zag iets voorbijkomen over het stadshotel en vroeg zich af of die voldoende toeristen kon herbergen en mistte aan de andere kant The Maxx, die toch juist een aandachtstrekker in de regio was. In de visie was te lezen dat er ‘kansen in de buurt van het station’ waren, maar welke kansen waren dat dan? Tot slot vond Boutachekourt het opvallend dat de toeristenbelasting werd aangeduid als zijnde ‘flink’ lager dan het landelijk gemiddelde. Werd daar iets mee bedoeld of was het alleen een constatering?
Hoe dan ook, de partij overwoog om zoals eens eerder geprobeerd met een voorstel te komen om de tarieven meer naar het landelijke gemiddelde te trekken. Voor de zakelijke betaler zou het immers weinig uitmaken of zelfs ‘peanuts’ zijn, terwijl het voor Veenendaal veel zou kunnen opleveren.
RECLAMEBROCHURE
Mooie woorden over het verleden van Veenendaal en een mooi overzicht van de samenwerkingsverbanden in de regio, dat was het oordeel van de SGP. Wel zag de partij graag een groter perspectief, waarin dat verhaal ook breder werd doorgegeven in bijvoorbeeld cultuur en het onderwijs. De visie over varen en wandelen en de krachtenbundeling, daar was de partij blij mee. Een gemist punt was Prattenburg, dat nergens werd vermeld. En wat was de slagingskans van de ambities als er straks bij de integrale afweging keuzes moesten worden gemaakt er minder geld naar dit beleidsterrein ging?
Veenendaal alleen zal niet alle toeristen trekken, daar zullen we de regio voor nodig hebben
Het CDA had de visie ‘een beetje gelezen als een reclamebrochure’. Waarom was de winkelstad ‘the place to be’? De ene organisatie of locatie werd genoemd en de andere niet. De historische beschouwing was mooi, net als de ‘goede geografische’ duiding en de aandacht voor de vergroening van de binnenstad. Het onbenoemd laten van de diversiteit was een gemiste kans, net als de bezienswaardigheden die volgens Veenendalers nu juist typisch Veenendaals zouden zijn. Zoals de ossenmarkt en de markt. Als het ging om het imago dat Veenendaal onderscheidend zou kunnen maken, schotelde de partij graag weer de bijenstad voor. Tot slot was het kopje duurzaamheid alleen gericht op wandelen en fietsen, terwijl deelmobiliteit en het OV daarbij ook de aandacht verdienden.
AMBITIES
De samenwerking met de lokale en regionale partners en de participatie die daarmee was geweest was prettig om terug te lezen, vond ProVeenendaal. ,,Veenendaal alleen zal niet alle toeristen trekken, daar zullen we de regio voor nodig hebben”, betoogde Jan Kruger. Belangrijk was wel om te blijven kijken of de belangen van Veenendaal ook echt behartigd werden.
Het stimuleren van werkgelegenheid door het toerisme kon ook de nodige aandacht krijgen. Informatie over alle activiteiten mocht zichtbaar zijn langs de A12 of bij invalswegen. QR-codes konden bij wandelroutes heel goed dat verhaal van Veenendaal vertellen en meer informatie geven, waarbij de streetarttunnels niet buiten beeld mochten blijven. Al met al was het een ‘goed stuk met een brede invalshoek’ over toerisme en recreatie die ook belangrijk zijn voor het welzijn van de Veenendalers. Het was goed dat er ambities waren. Of die allemaal gehaald werden, was minder belangrijk.
Fijn dat er in sectoren als toerisme en recreatie ook gewoon geld verdiend mag worden
NUANCE
De PvdA had als enige punt het realiseren van duurzame verbindingen tussen stations, de natuur en winkelcentra, kortom: toegankelijke recreatieve voorzieningen. De SP dacht met de ChristenUnie graag mee over de openbare toiletten, met D66 over de toeristenbelasting en zelf over meer evenementen op zondag, maar was ‘al met al zeer tevreden’. GroenLinks vond de aandacht voor fietspaden terecht en sloot zich aan bij de ideeën over sanitaire voorzieningen en de diversiteit. Hekkensluiter was VVD’er Henk Vernout die de ‘nuance’ naast de aandacht voor duurzaamheid erg waardeerde. ,,Bij een stad als Veenendaal hoort zo’n visie. Fijn dat er in sectoren als toerisme en recreatie ook gewoon geld verdiend mag worden.”
Wethouder Dylan Lochtenberg vond de Grebbelinie dan weer ‘een pareltje die misschien meer ontdekt mag worden’, maar nam wel weer onder meer de suggesties over de openbare toiletten mee, net als de vermelding van Prattenburg. Het CDA hoorde graag wat dat ‘meenemen’ precies inhield en overwoog een voorstel om de tekst aan te scherpen zodat de gewenste zaken ook echt in het stuk zouden komen te staan.
#DITISVEENENDAAL
Je kon niet alles noemen en moest een keer een punt zetten, vond de wethouder. De binnenstad als ‘the place to be’ werd al als zodanig bestempeld in het eerder opgestelde programma ‘Vitale binnenstad’. Na de herhaling van Lokaal Veenendaal met bijval van andere fracties dat het toch jammer was dat het college geen idee had hoeveel toeristen dit zou opleveren en dat dat ‘desnoods met een nulmeting’ kon worden geëvalueerd, zei de wethouder dit toe. Zo kon er bij een evaluatie worden gekeken of het beleid effect zou hebben.
Hij raadde #ditisveenendaal aan voor iedereen die meer wilde weten over het onderscheidende verhaal van Veenendaal. De opmerking over de toeristenbelasting met de aanduiding ‘flink’ bij ‘lager’ was niet meer dan dat: een opmerking. Het was aan de raad om daar eventueel politieke conclusies aan te verbinden, wat D66 betreft volgende week mogelijk dus ook gaat gebeuren.















