Bij handelaar in allerlei verzamelwaardige items Willem van Ruiswijk (staande links) is het altijd gezellig. Paul Hageman (l) wijst zijn vrienden Frits Kleinhans en Bert Huibens (r) op een illustratie.
Bij handelaar in allerlei verzamelwaardige items Willem van Ruiswijk (staande links) is het altijd gezellig. Paul Hageman (l) wijst zijn vrienden Frits Kleinhans en Bert Huibens (r) op een illustratie. Martin Brink

Het einde komt nu echt in zicht voor De Kleine Beurs

21 oktober 2022 om 10:00 Maatschappelijk

VEENENDAAL Vrije Markt, Zwarte Beurs, De Bazaar, Witte Markt. Zijn dat geen kreten uit het verleden? Daterend uit de jaren tachtig toen iedereen alles wegdeed om het goedkope spul uit China in huis te halen. Het land werd ermee overspoeld en al het overtollige kwam dus terecht op dit soort markten.

door Martin Brink

De opruimwoede betekende het begin van markten met de meest uiteenlopende kleinhandel. Waar hobbyisten probeerden om nog iets (bij) te verdienen. Ook in Veenendaal. Op de begane grond van de oude Hollandiafabriek aan het Verlaat, in de zogenaamde Van Ekerishallen, verrees in de jaren negentig de Zwarte Markt waar je op zaterdag tegen betaling naar binnen mocht. Later was er vrije toegang.

De markt kwam er dankzij inventieve organisatoren, één werkzaam bij de politie, die samen de markt opzetten. Het bleek de vrijplaats voor de kleine handelaar die hobbymatig bezig was.
Die kon zijn overtollige goederen of verzameling op deze manier slijten. Maar ook de scharrelaar stond er graag. Hij was de morgenster die in wat voor grof vuil langs de weg werd gezet, al heel vroeg in de ochtend door hem werd meegenomen.

(de tekst gaat onder de foto verder)


De entree van De Kleine Beurs aan de Jan Steenlaan in Veenendaal-zuid. - Martin Brink

GROF VUIL Ook de vuilnisman in gemeentelijke dienst die bij het ophalen van grof vuil nog even langs zijn huis reed om wat gevonden en nog goed te verkopen spul af te leveren, kwamen we op de Veenendaalse markt tegen.

De markt in de oude fabriek is er al lang niet meer. Het had zeker wel iets: hobbyhandelaren tegen de achtergrond van een oude, muffe en aangevreten fabriekshal waar voorheen dampende machines stonden. Rond 2007 was het einde verhaal toen de sloop van de fabriek voor de deur stond en herontwikkeling van dit gebied vastere vormen kreeg. In 2010 werd hier De Cultuurfabriek geopend.

LANGZAME DOOD Al deze markten lijken een langzame dood te zijn gestorven sinds de opkomst van veilingsites op internet waarbij Marktplaats wel de meest bekende is. De hele wereld is je etalage en je handelt, bij wijze van spreken, vanaf je zolderkamertje of hobbyschuur. Toch blijft dat korte en persoonlijke contact tussen koper en handelaar boeien. Niet voor niets zijn de vrijmarkten op Koningsdag zo populair!

(de tekst gaat onder de foto verder)


Gijs de Vries is eigenaar van het pand. Hij was de initiatiefnemer van De Kleine Beurs. - Martin Brink

Maar dit soort markten zijn er nog, al wordt het steeds minder. Neem nou de oude veilinghal in Tiel, daar waar de legendarische Jomanda ooit haar healings hield. Hier straalde ze flessen met kraanwater ‘in’, dat daardoor genezende krachten zou krijgen. Daar is ook decennialang een snuffelmarkt waar tal van Veenendaalse kraamhouders staan. Zij weten dat hun tijd geteld is. De hal moet leeg voor een andere bestemming.

Maar wacht eens, in Veenendaal bestaat zo’n fenomeen toch ook nog? Een beetje verscholen in Veenendaals volkswijk nummer één (zuid) vinden we in de voormalige openbare kleuterschool De Klimop uit begin jaren zestig, het fenomeen De Kleine Beurs. Het pand was ooit onderkomen voor de christelijke lokale radio STILOK en huiswerkbegeleiding ABC. Aan de Jan Steenlaan 4 probeert een handvol handelaren hier elke zaterdag hun goederen te slijten.

EIGEN GEZELLIGHEID Echt heel druk wordt het er nooit. De kraamhouders zitten er vooral voor hun eigen gezelligheid. De sfeer is er ‘ons kent ons’. Tot aan de zomer mogen ze er blijven. Dat weten ze. De sfeer is er toch wat gelaten door, het lot hangt als een zwaard van Damocles boven alles. Het is de bedoeling dat op deze plek appartementen komen.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Hobbyhandelaar Dirk moet buiten zijn sigaretje roken. Maar ook hier heeft hij aanspraak genoeg. - Martin Brink

,,De tekeningen zijn al klaar. Het pand heb ik in 2019 verkocht aan een makelaar. Ik heb gezegd dat er iets terug moet komen voor éénpersoonshuishoudens. Daar is behoefte aan.” Dat zegt Gijs de Vries, sinds 2005 eigenaar van het pand.

Zoon Niels, van beroep architect, ontwierp 24 appartementen in het betaalbare koopsegment. ,,Zoals altijd duurt het lang voordat er nieuwbouw staat. Het zit nu nog in een fase van het verlenen van een omgevingsvergunning.” In eerste instantie werkte Patrimonium woonservice (nu Veenvesters) ook in het plan mee, vooral omdat de omgeving op termijn op de schop gaat. Patrimonium haakte vanwege tal van onzekerheden uiteindelijk af.

ALLEEN VERDER De Vries ging alleen verder, samen met de gemeente en de buurt. Daar werd in hoofdzaak instemmend gereageerd op wat straks gaat komen en reeds is gepubliceerd. In het pand had De Vries er zijn huiswerkbegeleiding.

(de tekst gaat onder de foto verder)


In het ‘tegeltjesmuseum’ valt veel te lezen en te overdenken... - Martin Brink

Hij startte in een tijd dat dit soort ondernemingen nieuw waren. Zeven jaar geleden verkocht hij het bedrijf. De nieuwe eigenaar wilde niet in dit pand en dus besloot De Vries om het te verkopen. Ontwikkelaar Real Est8 zet hier straks 24 appartementen neer.

Ondertussen deed De Vries er ook iets mee want een gebouw leeg laten staan, dat is ook zo wat. Dat is uitnodigen tot vandalisme. Hij besloot het op te delen in kleine verkoopunits en handelaren te zoeken. Zelf bezocht hij ook wel eens een rommelmarkt en hij vond dit echt bij hem passen.

De handelaren waren niet moeilijk te vinden. Zelf is hij één van de zeven kraamhouders. De units zijn qua huur redelijk te noemen, naar gelang de grootte uiteraard. In al die jaren is De Kleine Beurs veel meer gebleken dan een verkoophoek.

,,Het heeft de functie van een soort wijkhuis. Mensen trekken hier naar toe voor een praatje”, zegt De Vries. Hier komen mensen uit de buurt (en verder) even aanlopen voor een praatje en een bakkie troost.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Ooit was het pand een openbare kleuterschool (De Klimop), later werd het radiostudio en een instituut voor huiswerkbegeleiding. - Martin Brink

Het is echt een sociale ontmoetingsplek geworden, een plek waar buurtbewoners elkaar treffen. Dat is ook de reden waarom de gemeente twee jaar geleden officieel groen licht heeft gegeven, na klachten van een wijkbewoner die om opheldering vroeg.

GOEDKEURING WETHOUDER Detailhandel is officieel namelijk niet op deze plek toegestaan. De Vries maakte een uitvoerig rapport waarin de sociale cohesie van de buurt centraal stond. De wethouder was er gevoelig voor en een officiële goedkeuring volgde. Maar het einde is nu toch echt in zicht. De handelaren weten het al een tijdje.

,,Nog tot begin van de zomer volgend jaar”, zegt de zeventigjarige Ton Ferkranus. Hij is net terug van een vakantie in Kroatië (,,Ik kan dat land iedereen aanbevelen!”) en staat hier elke zaterdag. Qua verkopen heeft hij een lange staat van dienst. Hij stond in Tiel met allerlei goederen, verhandelde digitaal maar beperkt zich nu tot deze plek.

Net als tal van andere handelaren merkt hij dat de piek van verkopen op deze manier echt voorbij is. ,,Ik heb soms op het einde van de dag nog maar heel weinig verkocht.” Toch probeert hij elke week nieuwe dingen te presenteren.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Catia uit Ede verkoopt er sieraden en doet ook iets met bloemen. - Martin Brink

In zijn leven heeft hij echt van alles gedaan: hij zocht de genealogie uit van de familie Diepeveen, was correspondent voor het plaatselijke dagblad, hij werd onderzoeker in de regionale historie en maakte ook nog schilderijen. Een expositie op een ministerie vormde het hoogtepunt in deze carrière. Het lukte hem zelfs om als autodidact verschillende schilderijen te verkopen. Hij vertelt er graag over.

Ton probeert zoveel mogelijk los te komen zodat hij zo min mogelijk hoeft op te slaan. Daar hebben Neelie (,,Nee, geen achternaam”) en Catia (van oorsprong uit Portugal afkomstig) geen last vast.

De Edese Catia verkoopt sieraden en doet tegenwoordig ook iets met bloemen. Neelie uit Wijk bij Duurstede verkoopt allerhande goederen (,,Kristal, Royal servies, noem maar op”) en is ook nog verantwoordelijk voor de horeca.

MOEDER VEENSE Een broodje bal, een vers gemaakt soepie, iets uit het vet: dat gaat er altijd wel in. ,,We staan overal, maakt niet uit waar al is het in Oss of Eindhoven”, zegt ze. Catia kan dat beamen. Ze stelt dat er zeker geen inkomen uit te halen valt maar zinvol bezig zijn is ook al een goed streven.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Ton Ferkranus staat ook al enkele jaren op De Kleine Beurs. - Martin Brink

Haar zoontje van drie jaar komt altijd gezellig mee. Neelie woont weliswaar in Wijk bij Duurstede maar ze kent Veenendaal goed. ,,Mijn moeder komt hier vandaan. Zo verzeilde ik hier en zei hardop: wat leuk is het! Wat zou het mooi zijn als ik hier eens iets kon huren? Kom maar mee, dan praten we verder, zei Gijs. Zo is het gekomen.”

Neelie staat samen met haar man Dirk op De Kleine Beurs. Die is met enige regelmaat buiten te vinden. Een rokertje opsteken mag tenslotte niet binnen.Neelie kent haar publiek door en door. Vooral de buurtbewoners die hier elke zaterdag voor een praatje of een kom soep aankeren.

LEED ,,Er is veel leed onder de mensen. Dat horen we. Er zijn er die alleen een praatje komen maken en een liter soep kopen.” En die is zeer populair. Als ze erwten- of linzensoep in de aanbieding heeft, dan gaat er, naar eigen zeggen, met gemak dertig liter doorheen!

(de tekst gaat onder de foto verder)


De muren van het toilet zijn behangen met teksttegeltjes. Daarvan kun je nooit genoeg hebben. Voorwaarde is dat ze verschillend moeten zijn. - Martin Brink

Een kleine unit werd ingenomen door Aart van de Weerdhof, een oom van Neelie. Hij was de klokkenmaker- en verkoper van het stel. Repareren kon hij als de beste. Aart overleed vorig jaar op 74-jarige leeftijd. Een foto van hem siert de entree. Zijn plek is niet meer verhuurd maar is nu verdeeld onder de anderen.

KLEINSTE MUSEUM De kleinste unit is meteen de meest bijzondere. Gijs: ,,Weet je dat wij hier het kleinste museum van Veenendaal hebben? Er kan er maar één persoon naar binnen. En het is ook nog eens gratis!”

Hij opent de deur van het toilet. De wanden zijn behangen met tegeltjes waarop allerlei wijsheden staan. Er is bijna geen plekje meer onbenut. Slechts onder de wasbak is nog wat ruimte. Wie het ‘museum’ bezoekt blijft kijken, lezen en nadenken over zoveel tegeltjeswijsheid…

Neelie: ,,Op veel markten waar ik sta komen anderen vanzelf naar mij toe met een tegeltje: heb je deze al, vragen ze dan.” Zo groeide de opmerkelijke collectie vanzelf. Waar die straks naar toe moet...

(de tekst gaat onder de foto verder)


De Kleine Beurs kent ook een zij-ingang. - Martin Brink

Leven bij de dag
Willem en Jetteke van Ruiswijk hebben ook een ruimte. Jetteke samen met Anja Wijnberger. Willem: ,,Ik verkoop hier alles wat met verzamelen te maken heeft zoals postzegels, ansichtkaarten of topografische boeken, onder meer over Veenendaal. En: ik heb hier ook een stamtafel.” Hij wijst naar het raam. Elke zaterdag nemen daar drie heren plaats om over een hobby te praten. Uiteraard onder het genot van een kop koffie. Dan komen de tongen wel los. Bert Huibens verzamelt postzegels, Frits Kleinhans uit Utrecht ook.

Ook Veenendaler Paul Hageman heeft er zijn vaste zetel. Die maakte ooit een boek over de Hollandia Wol- en Kousenfabriek. Om onder de mensen te blijven komt hij elke zaterdagochtend aan. Even bijpraten, socializen, de laatste nieuwtjes doornemen. Het clubje wil liever niet aan de toekomst denken. Ze leven bij de dag. Maar Willem niet. Die zegt: ,,Hoe het straks verder gaat? Ik sla alles op in de schuur en zie het wel.” Willems passie om maar alles te verzamelen liep nogal uit de hand. Dat was al toen hij nog aan de Zuivelstraat woonde. En dus besloot hij om te gaan verkopen, om handelaar te worden. Is die schuur achter zijn rijtjeshuis in Veenendaal-zuid wel groot genoeg? ,,Daar kan alles in. Ik zorg dat ik ruimte vrijhoud.”

Relativerend zegt hij tot slot: ,,Eigenlijk zou in Veenendaal weer zoiets terug moeten komen. Maar één op één kopiëren van wat hier staat, dat kan gewoonweg niet. Daar is dit uniek voor. Kijk alleen al naar de omgeving…”

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie