Celia van Kreel vertrekt op 15 mei 1930 naar de oost. Ze wordt door familie en bekenden uitgezwaaid op station Veenendaal. Haar wacht een onbekend lot.
Celia van Kreel vertrekt op 15 mei 1930 naar de oost. Ze wordt door familie en bekenden uitgezwaaid op station Veenendaal. Haar wacht een onbekend lot. Collectie Martin Brink

‘Celia van Kreel vertrok en keerde nooit meer terug’

7 augustus 2025 om 12:31 Historie Nieuws uit Veenendaal Tips van de redactie

VEENENDAAL Het dit voorjaar gepresenteerde boek ‘Verbonden door Veenendaal: oorlogsslachtoffers samengebracht’ bevat niet minder dan 244 personen die door oorlogshandelingen het leven lieten. Dat gebeurde in Veenendaal maar het waren lang niet altijd Veenendalers.

door Martin Brink

In eerste instantie werd uitgegaan van het principe dat alleen personen in aanmerking kwamen die bij hun overlijden ingeschreven stonden in het bevolkingsregister van Veenendaal. Precies zoals dat ooit voor vermelding op het Namenmonument op het Stationsplein was vastgesteld. Maar dat gegeven werd al snel opgerekt. Toch blijft de lange lijst aan bepaalde regels gebonden. ‘Foute’ personen komen er niet op en zijn er nog te veel onzekerheden, dan wordt de naam alleen op een onderzoekslijst geplaatst. Zo’n naam maakt dan nog geen deel uit van de definitieve schikking.

DIT IS HET NU

Het is een bewonderenswaardige studie geworden, een monumentaal voorbeeld voor regiogemeenten. Het is gevat in een kloek boek dat dankzij nauwgezet spitwerk, mondelinge overleveringen en eindeloos zoeken in landelijke en internationale archieven, tot stand is gekomen. Met tal van details, die soms in de privésfeer liggen. ,,Ik ben ervan overtuigd dat er in de toekomst nog nieuwe namen aan de lijst worden toegevoegd. Ik zie het ook niet als een definitieve studie, maar eerder iets van: dit is het nu. Het is vooral een naslagwerk dat steeds kan wijzigen”, vertelde Hennie Henzen, de vormgever en projectcoördinator van de uitgave. 

Aanjager van de studie Aart Aalbers laat desgevraagd weten dat er onlangs mogelijk een nieuw slachtoffer is gevonden. In de herfst wordt verder gezocht en ook gepoogd om de nog ontbrekende foto’s van slachtoffers te vinden. Die worden dan op de website gezet waar de resultaten van de zoektocht verder gevolgd kunnen worden.

BEPERKING

Toch is er wel iets vreemds aan het boek. Het kent namelijk een zelf opgelegde beperking want, dat is iets wat nog altijd overal in het land speelt, Veenendalers en niet-Veenendalers die ‘voor de andere kant kozen’ en het leven lieten, doen niet mee. Die worden nergens genoemd. Ook zij zullen bepaalde achtergronden hebben. Maar wie met ‘de vijand heeft geheuld’ wordt voor altijd weggestreept. Zo was het tot voor pakweg vijfentwintig jaar geleden. Huidige onderzoekers denken daar wel wat genuanceerder over. Die willen ook over hen alle achtergronden weten.

Er zijn altijd twee kanten. Maar ook: geschiedenis blijft geschiedenis en de gedachten daarover fluctueren voortdurend. Het is niet voor niets dat het in de volksmond geheten ‘foute archief’ van het CABR in het Nationaal Archief voor het grootste deel openbaar is geworden en zo’n ongekend ‘succes‘ is gebleken.

Geschiedenis blijft geschiedenis en de gedachten daarover fluctueren voortdurend

Slechts bij een enkeling is bekend welke Veenendalers in vreemde krijgsdienst in het oosten zijn omgekomen. Zo sneuvelde Jan ter Haar (geboren op 13 maart 1927) op 12 maart 1945 tijdens de gevechten in Berlijn. Hij was een SS-Sturmmann. Ook Theodorus Cornelis van Hensbergen kwam om het leven, maar dan in Rusland. Dat gebeurde op 19 februari 1942. Hij werd geboren op 26 januari 1923 te Gelders-Veenendaal. Veenendaler Aalbert Hendrik Jacobsen (22 maart 1924) kwam op 21 januari 1945 als SS-Panzergrenadier om in Kaletti (Letland).

Zo zijn er nog enkele in Veenendaal ingeschreven personen die niet terugkwamen. Lambertus Slagmolen bijvoorbeeld (geboren op 24 februari 1924) zat bij de Kriegsmarine en overleed op 25 maart 1945. Tenslotte noemen we Arie van Wakeren, geboren op 31 maart 1920. Hij zat bij de Waffen SS in onder meer Alkmaar. Zijn sterfdatum is nog onbekend.

ARRESTANTENKELDER

Voortbordurend op het net verschenen boek waarin ook slachtoffers die van elders kwamen een plek kregen, is hetzelfde ook te zeggen over Nederlanders die voor het Duitse wapenrok kozen en in Veenendaal het leven lieten of hier vermist raakten. Op Ysselsteyn ligt bijvoorbeeld soldaat Jacob Stolk, geboren op 27 april 1923 in Maassluis en net als de hieronder genoemde personen behorende tot de 34. SS-Freiw. Grenadier Division ‘Landstorm Nederland’. Volgens opgave van de Nederlandse Oorlogsgravenstichting (OGS) uit 1957 is hij op 19 maart 1945 gefusilleerd in Utrecht wegens desertie. Dat verklaart althans mevrouw Van Asch van de Achterkerkstraat 87 in Veenendaal aan de burgemeester van Veenendaal die dat weer doorgeeft aan de OGS. Nader onderzoek geeft echter iets anders aan. Denkbaar is namelijk dat hij vanuit Utrecht is overgebracht naar Kasteel Amerongen waar een soort van militair tribunaal was ingericht. Hij zat met nog een aantal mannen in de arrestantenkelder. Op 27 maart 1945 werd hij samen met anderen (van wie de namen onlangs na veel onderzoek intern bekend zijn geworden!) in de kasteeltuin geëxecuteerd. ‘Op de vlucht’ staat in de archiefstukken. Voorts is er Jan Veninga, een SS’er die omkwam in Veenendaal. Hij is op 25 april begraven in een algemeen graf op De Munnikenhof. Pas op 25 november 1958 werd hij overgebracht naar de Duitse begraafplaats in het Noord-Limburgse Peeldorp Ysselsteyn.

JAN HAZENBERG

Meer achtergronden zijn bekend over Jan Hazenberg, een 19-jarige jongeman uit Arnhem. Hij is één van de twee slachtoffers bij het opblazen van de Vaartbrug op zondag 6 mei 1945. De familie Van Barneveld die aan de overkant woonde, daar waar nu de flat aan de Duivenwal staat, hoorde een enorme knal en vond opeens een laars in de tuin. In die laars zat nog een voet. Dochter Hermien van Barneveld kon zich tientallen jaren later dat afschrikwekkende beeld nog goed herinneren. Hazenberg werd al de volgende dag ter aarde besteld op de algemene begraafplaats De Munnikenhof. Het vreemde is dat in dit graf al een man lag. Op 25 november 1958 werd hij opgegraven en overgebracht naar Ysselsteyn.

Gerard Broersma was de andere man die omkwam. Hij was 24 jaar en kwam oorspronkelijk uit het Friese dorp Parrega. Ook hij werd in hetzelfde (algemene) graf als zijn maat Jan Hazenberg op De Munnikenhof gelegd en op 16 september 1947 herbegraven. Echter: hij kwam in een ander graf, wederom op De Munnikenhof. Daar ligt hij nog steeds. In graf E127, zonder steen en met als markering slechts een betonnen paaltje met een nummer waar een plastic bandje omheen zit, een graf van de gemeente.

CELIA VAN KREEL

Zoals gesteld: de criteria voor het boek zijn de laatste jaren behoorlijk opgerekt. Ook mensen van elders die bijna geen voetstappen in het Veenendaalse hebben liggen, staan bij de 244 namen. Dat zijn personen die op het moment van overlijden in Veenendaal verbleven (denk aan evacuaties) en door oorlogshandelingen omkwamen. Bij een granaataanval bijvoorbeeld. Initiatiefnemer van de lijst is Aart Aalbers. Als begraafplaatsdeskundige en adviseur in deze naar de gemeente, houdt hij de gegevens nauwkeurig bij.

Hij kent ook het verhaal van Celia van Kreel, dochter van Veenendaals meest bekende architect Bernard van Kreel. Zij werd op 3 november 1895 in Veenendaal geboren en werd uit het bevolkingsregister uitgeschreven op 14 mei 1930. Ze overleed vermoedelijk op 1 augustus 1942 in Bandoeng in het toenmalige Nederlands-Indië. Ze woonde met haar vader, broer Evert Hermanus (geboren op 17 juni 1902) aan de Kerkewijk A225 (later omgenummerd naar Kerkewijk 45) te Veenendaal. Binnen de familie gaat het verhaal dat zij is vermoord door een huisbediende. Oorlogsomstandigheden? Daar kan over gediscussieerd worden. Het zijn in ieder geval omstandigheden van kort na de Japanse bezetting toen bedienden hun kans schoon zagen om hun ‘toean en njonja besar’, die ze niet zelden jarenlang van dienst waren, eens flink de les te lezen. Met niet zelden fatale gevolgen. ,,Maar het kan net zo goed een inbreker zijn geweest die betrapt is. Wie zal het zeggen?”, zo reageert Aalbers bij het horen van haar naam.

Tekst gaat verder onder de foto


Celia van Kreel omstreeks 1915-1920. - Collectie Martin Brink

Hij heeft haar wel nagetrokken maar kon bij de start van zijn zoektocht rond 2008 niets vinden. De gegevens van Celia van Kreel heeft hij wel opgeslagen in een dossier met namen om op termijn nader te onderzoeken. Ze kwam wel voor in het ‘Dossier Veenhof’, genoemd naar de Veenendaalse beleidsambtenaar die de opdracht had gekregen om de namenlijst voor de wand op het Stationsplein samen te stellen. Veenhof kreeg de eerste namen van de onderzoekers Jack Kooistra en Jo van Barneveld (oud-personeelschef van de VSW) en van voormalig verzetsvrouw Truus van Kuyk (bekend van Modehuis Libelle in de Hoofdstraat). Die publiceerde hij in het Gemeentenieuws van Veenendaal. Daarop kwamen enkele nieuwe reacties. Soms ook boze, want waarom stonden de jongens die omkwamen in de bunker in De Klomp niet op de lijst? Aart Aalbers: ,,Uiteindelijk is de naam Celia van Kreel niet gehonoreerd om op het Monument der Gevallenen te komen. Er waren te veel onzekerheden.”

Tekst gaat verder onder de foto


Celia van Kreel op station Veenendaal in 1931.  - Collectie Martin Brink

HANDVOL FEITEN

Wie was zij, deze nu totaal vergeten vrouw uit Veenendaal; die huis en haard verliet om in het verre oosten een nieuw bestaan op te bouwen? Veel over haar leven is in de geschiedenis opgegaan. In tegenstelling tot haar vader Bernard en broer Hermanus van Kreel is over haar in plaatselijke kranten niets terug te vinden. Er zijn maar een handvol feiten naar boven gekomen na onderzoek van de schrijver van dit verhaal, samen met geroutineerd speurder Jan Bos die ook veel foto’s en achtergronden opdook voor het boek met de 244 geregistreerde slachtoffers.

Celia van Kreel werd geboren op 3 november 1895 als dochter van Bernard van Kreel en Lijdia van Harn. Het gezin is Nederlands Hervormd.
Rond 1915/1920 is ze lid van een uit zestien personen (mannen en vrouwen) tellende Veenendaalse mandolineclub. Zo staat ze ook op een groepsfoto, met in haar hand het snaarinstrument dat vrolijk versierd is. Op donderdag 15 mei 1930 vertrekt ze naar de oost. Het historische moment wordt op foto’s vastgelegd. Ze reist vanaf Veenendaal en wordt door naaste familie uitgezwaaid op het station.

SAMENREIZEN

Op foto’s is te zien dat ze niet alleen reist. Haar ouders waren toen al overleden. De stationskruier, nog slechts bekend onder de naam ‘Krakie’, helpt haar met het dragen van de hutkoffers. Uit de net vertrokken trein steekt ze haar hand op als een laatste groet. Celia vaart in bijna zes weken vanaf Rotterdam naar het verre Indië. Veenendaal zou ze nooit meer terugzien. Ze gaat er ongetrouwd naar toe. Onbekend is waar ze precies naar toe ging. Werken wellicht? Intern misschien bij een Nederlandse familie? Wellicht bij de in Epe op 30 juni 1897 geboren Dries Hendricus Lokhorst, wonende in Bandoeng, die nadat hij weduwnaar was geworden van Jeltje Kuypers, op 3 februari 1942 met haar trouwde? Wie zal het zeggen. Celia was toen 46 jaar. Of werd het huwelijk gesloten om enige bestaanszekerheid te krijgen? Bekend is dat de situatie voor Nederlanders steeds nijpender werd na de oorlogsverklaring van Nederland aan Japan op maandag 8 december 1941.

Dries Lokhorst vertrok overigens in 1929 naar Nederlands-Indië. Hij was in 1925 in Nederland getrouwd. Uit dat eerste huwelijk werd een kind geboren. Zijn eerste vrouw overlijdt in 1941 en blijft hij achter met een jong kind. Mogelijk dat hij daarom een jaar later trouwt met Celia. Waarschijnlijk kenden ze elkaar al. Dries Lokhorst komt na zijn komst in Indië meermalen over naar Nederland, zo is uit krantenberichten te reconstrueren.

ADVERTENTIE

Na haar trouwen wordt weinig meer van Celia van Kreel vernomen. Na de oorlog doet de familie in Veenendaal verwoede pogingen om meer over haar te weten te komen. Dries Lokhorst is er dan al niet meer. In de archieven valt na te gaan dat de man op donderdag 3 mei 1945 als KNIL-soldaat van de 2e Landstormafdeling Palembang (elke weerbare Nederlander in de oost moest dienst doen in de Landstorm) aan dysenterie in het Japanse krijgsgevangenenkamp aldaar is overleden. Hij werd begraven in deze havenstad en in 1967 herbegraven op het Nederlands ereveld Pandu in Bandung. Haar broer Evert Hermanus van Kreel (1902-1948, later ook architect in Veenendaal) plaatst op zaterdag 6 oktober 1945 een advertentie in nieuwsblad De Vallei met de volgende tekst: ‘Heden bereikte ons het droeve bericht dat vermoedelijk reeds op 1 augustus 1942 te Bandoeng is overleden onze lieve zuster, schoonzuster, tante en nicht Celia van Kreel op de leeftijd van ruim 46 jaar’. Enige zekerheid had Evert van Kreel op dat moment dus nog niet. En ondanks recent onderzoek in het Nationaal Archief en bij (niet-reagerende) archiefinstellingen in Indonesië, is die zekerheid nog altijd niet gevonden. Het definitieve verhaal over Celia Lokhorst-van Kreel lijkt dus (voorlopig) in de historie te zijn opgegaan.

Gerard Broersma was één van de twee Hollandse SS’ers die omkwamen bij de ontploffing van de Vaartbrug op zondag 6 mei 1945. Weinigen weten dat hij nog steeds op de algemene begraafplaats De Munnikenhof ligt…
De opgeblazen Vaartburg deelde Veenendaal in twee delen. Pas in 1947 kwam een nieuwe brug. Tot dan moest gebruik worden gemaakt van een noodbrug zoals hier bij het afmarcheren van de Hollandse SS naar gevangenenkamp Harskamp.
Vertrek Celia van Kreel vanaf station Veenendaal in 1931.
Mail de redactie
Meld een correctie

Martin Brink
Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie