Delen van de Duitse 227. Infanterie-Division marcheren op 14 mei door het centrum van Scherpenzeel richting Woudenberg.
Delen van de Duitse 227. Infanterie-Division marcheren op 14 mei door het centrum van Scherpenzeel richting Woudenberg. Bastiaan Ingen Housz

Duitse inval levert nog altijd bijzondere foto’s op: Ook Rhenen en Scherpenzeel ruim vertegenwoordigd

14 juni 2025 om 07:04 Historie Nieuws uit Rhenen Tips van de redactie

RHENEN De oorlog tijdens de meidagen van 1940 in Nederland. Hoe het zo dramatisch is afgelopen weten we allemaal. Is daar dan niet alles over gezegd? Qua onderzoek in grote mate wel, al zullen er altijd details open blijven. Voor wat betreft beeld: zeker niet! Met de kloeke uitgave ‘En ineens was het oorlog. Mei 1940 in beeld’ van uitgeverij WBooks wordt bewezen dat de foto’s nog lang niet ‘op’ zijn. Hoofdstuksgewijs wordt de inval in ons land behandeld met uiteraard een belangrijke rol voor de Grebbelinie, waarbij plaatsen als Rhenen, Renswoude en Scherpenzeel in foto’s significant aan bod komen.

door Martin Brink

In elf hoofdstukken wordt de meioorlog in 288 pagina’s op dik papier behandeld en in verhelderende teksten en infographics het verhaal chronologisch verteld. Maar het zijn vooral de foto’s (afgebeeld op een zwarte achtergrond zodat alles nog dramatischer overkomt) die het ‘m doen. Dat maakt alles veel inlevender en zeker voor een naoorlogse generatie beter te begrijpen. Films en foto’s zeggen immers veel meer dan duizend woorden.

Voor de meidagen van 1940 bestaat nog steeds veel belangstelling. Liet de eerste generatie het vooral op zijn beloop, op een paar uitzonderingen na zoals de militaire geschiedschrijver Eppo Brongers, de tweede en nu ook de derde generatie willen er alles over weten. Excursies door de gebieden waar de strijd zich in hevige mate heeft afgespeeld, worden altijd zeer druk bezocht. Het is niet voor niets dat de vraag naar oorlogsboeken ook onverminderd groot is.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Nederlandse krijgsgevangenen worden afgevoerd in de omgeving van Renswoude en Scherpenzeel. - Bastiaan Ingen Housz

‘EEN KORTE OORLOG’

Met daarbij sinds ongeveer het jaar 2000 een bijzondere rol voor de digitale weg. Een goed voorbeeld is de uitgave ‘Een korte oorlog. De slag om Nederland in mei 1940’ uit 2015 van Veenendaler Rein Bijkerk.

Omdat hij er nog steeds veel vraag naar kreeg, onder meer tijdens zijn lezingen, besloot Bijkerk het onlangs op eigen kracht en met toestemming van de originele uitgever, bij te drukken. Het boek is daarom in een kleine oplage weer verkrijgbaar bij het bezoekerscentrum van het Fort aan de Buursteeg in Renswoude en bij de Veenendaalse boekhandel Van Kooten.

Dat de Grebbelinie een prominente plek heeft gekregen in het boek ‘En ineens was het oorlog’, is niet vreemd. Het was de belangrijkste weerstandsstrook in het midden van ons land. Daar moest de invaller worden tegenhouden voordat het de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Vesting Holland kon bereiken.

SLAG OM DE GREBBEBERG

Maar dat ging vreselijk mis. Werd de aanval van de 227. Infanterie-Division bij De Klomp en Scherpenzeel in eerste instantie afgeslagen, bij de Grebbeberg in Rhenen werd na een heftige strijd uiteindelijk een vrije doorgang gevonden.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Een ontplofte mijn heeft een grote krater geslagen op het Oosteinde in Scherpenzeel. De vrachtwagen met pioniers kan er maar net omheen. - Bastiaan Ingen Housz

Die Slag om de Grebbeberg is iconisch en staat tot ieders verbeelding. De Duitsers braken op 10/11 mei door de eerste verdedigingsstrook, de IJssellinie, maar door de vele bruggen die zijn vernietigd, kon slechts een deel van het Duitse leger Wageningen bereiken. Tussen Wageningen en de Grebbeberg hadden de Nederlanders zich verschanst in loopgraven, om de eerste vijandelijke acties te weerstaan. Op 11 mei begonnen de gevechten, die drie dagen zouden duren.

Op 13 mei wordt de Slag om de Grebbeberg verloren, omdat de Duitsers bij Rhenen doorbreken en een belangrijke Nederlandse tegenaanval is mislukt. De Slag om de Grebbeberg heeft het leven gekost aan 420 Nederlandse soldaten en zo’n 250 Duitsers. De Nederlanders liggen op het Militair Ereveld, de Duitsers in eerste instantie ook maar zijn kort na de oorlog overgebracht naar de Duitse begraafplaats Ysselsteyn in Noord-Limburg.

FOTO’S UIT DUITSE ALBUMS

Dat er nog steeds foto’s opduiken van de inval in Nederland, heeft in belangrijke mate te maken met het feit dat ze pas de laatste vijftien jaar tevoorschijn komen uit Duitse fotoalbums en door nazaten van veteranen op veilingsites te koop worden aangeboden.

Fotograferen was in het vooroorlogse Duitsland de gewoonste zaak van de wereld en militairen werd toegestaan om hun fototoestel mee te nemen tijdens de veldtocht. Op die manier zijn waardevolle historische indrukken vastgelegd van de Duitse veldtocht in ons land.

Zo doken er vijftien jaar geleden foto’s op van SS’ers die een fotowinkel in de Wageningse Hoogstraat plunderden, in afwachting op de aanval op de Grebbeberg. Dat na de meidagen een gesneuvelde SS’er op de Grebbeberg werd aangetroffen met in zijn zakken een fototoestel, is tekenend. Het later volgeschoten rolletje uit het toestel toont onder meer de eerder genoemde verbijsterende beelden.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Op de Dorpsstraat in Renswoude houdt een Feldhaubitze 18 halt om te tanken bij het Shell-station van Jacob van Voorst. - Bastiaan Ingen Housz

Van Nederlandse zijde werd bijna niet gefotografeerd, of het moet een handvol historiebewuste burgers zijn geweest. Op Duitse foto’s komen we wel Nederlandse soldaten tegen, maar dan betreft het vooral krijgsgevangen genomen mannen of die op het punt staan om zich over te geven. Maar helaas ook zij die in de strijd zijn gedood.

VERBLUFFEND RESULTAAT

WBooks heeft een aantal deskundigen gevraagd om vanuit hun expertise teksten te schrijven en vooral naar minder bekende foto’s te zoeken in het archief van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) in Den Haag. Het resultaat is verbluffend.

Zelfs uit deze omgeving komen we beelden tegen die tamelijk onbekend waren. Uit Rhenen maar ook uit Scherpenzeel. Uit dit dorp trekken bijvoorbeeld de foto’s van fietsende Duitsers langs de ingenomen stelling bij de voorpostenstrook en foto’s van de inname van het dorp de aandacht.

Maar neem nou ook die foto uit Renswoude genomen op de Dorpsstraat waarlangs de Duitse aanvaller optrok. Deze werd aangetroffen in een album dat recentelijk is verworven door het NIMH. Duitse troepen tanken hun materieel af bij de Shellpomp van Jacob van Voorst, garagehouder aan de Dorpsstraat 44 (het voormalige Rechthuis van Renswoude).

Of ze ook keurig betaald hebben, net zoals in de oorlogsfilm Soldaat van Oranje de parachutisten deden bij het kopen van een fles melk, is niet duidelijk. Het is een ‘schwere Feldhaubitze 18’.

Deze houwitser verschiet 15 cm-granaten en behoorde tot de standaard bewapening van een aanvalsgroep bij de Duitse Wehrmacht. Het blijft evenwel een bijzonder en nooit eerder gezien plaatje; de vereniging Oud Renswoude zette het niet voor niets als spread op de gehele omslag van het februarinummer.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Nederlandse krijgsgevangenen, met vooraan een kapitein, worden op Remmerden vanuit de richting Amerongen over de Utrechtsestraatweg naar Rhenen afgevoerd. - Bastiaan Ingen Housz

REMMERDEN

De foto’s genomen in en bij Rhenen zijn talloos. Wie ze op grebbeberg.nl gaat bekijken, kan er gerust een paar uur voor uittrekken. De site wordt zelfs constant aangevuld met nieuw beeldmateriaal zoals onlangs een foto van Nederlanders die zich overgeven en met een witte vlag uit hun schuilplaatsen komen.

Ook in de publicatie ‘En ineens was het oorlog’ staat een aantal bijzondere afgebeeld. Bijvoorbeeld die van krijgsgevangen genomen Nederlanders die in de buurt van Remmerden op de Utrechtsestraatweg in de richting van Rhenen lopen. Omdat de foto vanuit een langsrijdend open voertuig is genomen en we nog een stukje van het stuur en de motorkap zien, maakt het alsof we erbij zijn.

VELDPREDIKER

Bekender is de foto van de veldprediker die samen met een lid van het Rode Kruis de identiteit van een Nederlandse gesneuvelde op de Grebbeberg probeert te achterhalen. Die veldprediker is gereformeerd predikant Ad van Nood uit Ouderkerk aan de Amstel, met zijn 32 jaren de jongste veldprediker van het II Legerkorps. Hij had Veenendaal als zijn vaste standplaats en was ingedeeld bij 10 RI. Hij werkte ook in plaatsen rondom Veenendaal.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Veldprediker A.C. van Nood van 10 RI krijgt de opdracht om gesneuvelde militairen op de Grebbeberg te identificeren. - Bastiaan Ingen Housz

Maar wat doet Van Nood dan op de Grebbeberg? Hij wordt samen met de toen nog net niet afgestudeerde vrouwenarts dr Bär, hoofd gewondenverzorging in de hulpverbandplaats aan de Kerkewijk in Veenendaal, gevangen genomen in Wageningen.

Daar concluderen de Duitsers al snel dat beiden een rol kunnen spelen bij de identificatie van (onder meer!) slachtoffers op de berg. Zo gebeurt dat ook. Dr Bär herinnerde zich later de meest vreselijke dingen die hij tegenkwam (zoals een slachtoffer zonder hoofd) en voor Van Nood zou een pijnlijke identiteitsverwisseling zijn leven lang bij blijven. Hij zag een Duitser voor een Nederlander aan en die werd als zodanig begraven. Totdat diezelfde Nederlander in juni opeens uit krijgsgevangenschap terugkeerde.

‘DOOIE SMEITINK’

Wat bleek: Van Nood had een SS’er begraven die een Nederlands uniformjasje aan had getrokken met zelfs diens identiteitsplaatje en zakboekje nog daar in! De betrokken militair, de 27-jarige Hendrik Smeitink uit Bekveld, herinnerde zich later dat hij zijn jasje op een grote hoop had moeten gooien nadat hij in een lignest samen met anderen was overrompeld. Na zijn terugkomst in het dorp werd hij voortaan de ‘Dooie Smeitink’ genoemd...

Tot slot is de foto van de Rhenense stadsomroeper Jan van Zetten aan het begin van het hoofdstuk over de aanval op de Grebbelinie, tekenend. Hij staat te midden van de oorlogsverwoestingen zijn boodschap te verkondigen. Alsof er niets aan de hand is…

Mail de redactie
Meld een correctie

Martin Brink
Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie