
In Veenendaal-Oost krijgt ’ome Rik’ Valkenburg dan toch een eigen straat
25 november 2023 om 07:38 MensenVEENENDAAL Rik Valkenburg zou op 20 november 100 jaar zijn geworden. De in Veenendaal geboren kapper ontwikkelde zich tot nationaal bekend auteur en interviewer, die toegang kreeg tot het Binnenhof, Brussel en de Koninklijke familie. Ook voor de lokale geschiedschrijving was hij van groot belang.
door Constant van de Heuvel
Rik Valkenburg was een warme en humoristische man, die de horizon van veel jongeren verbreedde. Valkenburg was afkomstig uit een groot arbeidersgezin in een oude volksbuurt van Veenendaal. Vader was wolkammer en moest tien monden voeden, zodat de eindjes aan elkaar werden geknoopt. Honger was er niet, maar geld voor nieuwe kleren was wel een probleem.
De kinderen sliepen met zijn drietjes in één bed. Met de buren van het blok deelde men buiten een pomp en een ‘poepdoos’. De jongen was anders dan zijn leeftijdsgenoten; hij had een fascinatie voor teksten. Ook bleek hij een erg goede verteller. Na een periode op sigarenfabriek Cavansa werd hij kapper.
OORLOGSJAREN
Die oorlogsjaren maakten diepe indruk op hem. In mei 1940 was hij te jong voor het leger, maar wel oud genoeg om alles diep te ervaren. Tijdens de evacuatie viel hij in een sloot, waarbij hij door een omstander uit het water werd gered. Wat ook diepe indruk op hem maakte, was de grote schietpartij rond de april-meistakingen van 1943. In de Hoofdstraat opende de SS het vuur op een grote menigte, waarbij uiteindelijk alleen Herman van den Brink van de Davidsstraat gewond raakte.
De predikanten Van Enk en Kok voorkwamen een bloedbad door net op tijd de stakers hun acties te laten beëindigen. Valkenburg liet zich afkeuren voor tewerkstelling in Duitsland door zich hoestend en rochelend bij de bezetter te melden. Op zijn 21e verjaardag vond de grote terechtstelling bij Veenendaal plaats: bij het latere kruis op de berg werden zes verzetsmensen gefusilleerd. Over die fusillade schreef hij later en sowieso zou de oorlog hem blijvend bezighouden.
LOKALE GESCHIEDSCHRIJVING
Hij schreef er veel boeken over en diepte gegevens op, die onderzoekers nu niet meer zouden kunnen vinden. Veel opzien baarde hij door - wellicht als eerste - een SS’er aan het praten te krijgen. Zijn ‘Een mens in haatuniform’ ging over (de vrijgesproken) kampbewaker Willy Engbrocks. Een archiefonderzoeker was Valkenburg niet, maar hij werd wel belangrijk voor de lokale geschiedschrijving als folklorist. Eetgewoonten, vrijetijdsbesteding en andere dorpszaken legde hij nog net op tijd vast in de krant als één van de scribenten van met Willem en Jaontjie en via boeken als Uit de oude doos (deel 1 en 2) en Veenendaal in vertellingen.
Dat gold ook voor veel gebeurtenissen uit de oorlog. Ook ontsloot hij veel beeldmateriaal via informatieve onderschriften van zijn fotoboeken, zoals ook later Martin Brink zou doen. En hij stimuleerde Sjoerd de Jong met zijn geliefde reeksen vraaggesprekken in lokale media.
BIJBELVERHALEN VERTELLEN
In ‘Dodelijke speerpunten tot nieuw leven’, dat hij schreef op advies van betrokken Veenendaler Gert A. van Beek, beschreef hij zendeling ds. Anton van de Loosdrecht; de enige Veenendaler ooit, die een standbeeld kreeg. Vanaf 1946 was hij betrokken bij het kerkelijk kinderwerk. Hij zou 48 jaar meester van zondagschool Abia blijven en zijn vertellingen werden zo vermaard dat ook kinderen buiten zijn kerk aanhaakten. Ook leerde hij jongeren hoe ze zelf Bijbelverhalen konden vertellen. Een aantal van zijn pupillen werd later predikant.
(de tekst gaat onder de foto verder)
![]()
Rik Valkenburg met kinderen van zondagsschool Abia. - Ton en Betty Valkenburg
Rik Valkenburg, die ongetrouwd bleef en huiselijk ‘ome Rik’ werd genoemd, organiseerde jongerenreizen, waarbij hij de jeugd onder meer meenam naar het buitenland en zo hun horizon verbreedde. Meerdere jongeren met levensvragen gingen een uurtje langs bij ‘ome Rik’ en met zijn levenswijsheid en Bijbelkennis hielp hij ze verder. Maar in de eerste plaats was hij een verteller. Op allerlei plekken werd hij gevraagd. Door zijn kinder- en jeugdboeken was hij inmiddels landelijk bekend geworden. Hij was één van de weinigen, die een kinderboek in ons taalgebied schreef over de Eerste Wereldoorlog.
Rond 1970 ging hij volledig van de pen leven. Als interviewer kreeg hij Joseph Luns (secretaris-generaal van de NAVO), de (oud-)ministers Diepenhorst en Roolvink en zelfs prinses Irene voor de microfoon.
Zijn grootste succes werden echter zijn theologische discussie-interviews met de meest toonaangevende theologen van zijn tijd. Nota bene progressieve media als ‘Vrij Nederland’ en ‘Het Vrije Volk’ schreven daar lovend over. Zijn - waarschijnlijk - meest geciteerde boek werd het in 1989 uitgebrachte Wie was ds. R. Kok eigenlijk? over zijn ‘geestelijke vader’ dominee Kok. Bij zijn schrijfwerk kreeg hij overigens veel hulp zijn secretaresse Conny de Kleuver.
BIJZONDERE ERVARING
Toen hij in april 1994 zijn boek ‘Toen de vloed over het land raasde’ afrondde, werd hij onwel en werd hij afgevoerd naar het ziekenhuis. Daar had hij een bijzondere ervaring, waarover hij kort voor zijn sterven vertelde. Hij had een blik in de hemel geworpen en zijn Verlosser Jezus Christus gezien. Nadat hij dit verteld had, bad zijn wijkpredikant ds. R. van Beek met hem en overleed hij. Na een drukbezochte dienst in de Pniëlkerk (nu Downtown) werd hij begraven op de Algemene Begraafplaats. Na zijn overlijden verscheen een aantal artikelen over hem en in april 2009 maakte het kerkhistorisch radioprogramma Nieuw Protestants Peil twee uitzendingen aan Valkenburg.
In Veenendaal-oost wordt nog een straat naar hem genoemd, nadat in januari 2020 bleek dat in het centrumgebied Brouwerspoort een straatnaam voor hem niet doorging.















