
Op zoek naar sporen ondergedoken vader in Veenendaal
25 mei 2022 om 13:21 HistorieVEENENDAAL Tijdens de oorlog zaten meer dan honderd joodse Nederlanders korte of langere tijd ondergedoken in Veenendaal. Zo’n twintig onderduikers binnen (of soms weer buiten Veenendaal) overleefden niet. Van al die onderduikers is bekend waar ze zaten, maar er is één uitzondering: Nathan Swaab. Zijn dochter Betty van Moppes-Swaab (87 jaar) wil graag hulp van de lezers van de Rijnpost.
Door Constant van den Heuvel
Nathan Swaab werd geboren 25 december 1906 in Amsterdam. In 1932 trouwde hij met Betje Appelboom (1910-1947). Op 20 oktober 1934 werden ze de trotse ouders van hun dochter Betty. Aanvankelijk woonde de familie op de Transvaalstraat, maar in oktober 1940 verliet men de drukke joodse buurt van Amsterdam om uiteindelijk in augustus 1941 neer te strijken op Copernicusstraat. Daar was het rustiger en veiliger. In de tussentijd waren er nog de adressen Brugstraat in Zandvoort en Archimedesstraat in Amsterdam. Er is nog een foto van Betty met haar vader, waarop ze schelpen zoeken aan het strand in Zandvoort.
MARKTHANDELAAR Swaab was niet alleen een schat van een vader, maar ook een intelligente man. Hij haalde diploma’s Handelscorrespondentie en Duits. Misschien had dat laatste te maken met het feit dat hij handelsreiziger (vertegenwoordiger) was. Eerst in herenkleding en later in naamplaten. Creatief was hij ook, want zijn dochter weet dat hij een embleem ontwierp voor de Singer-naaimachines. In juni 1940 werd Swaab markthandelaar in hartje Amsterdam.
Op de markt aan de Uilenburgstraat had hij een vaste kraam. Op deze markt werden levensmiddelen verkocht als vis en het ‘joodse zuur’, alsmede tweedehands goederen. Op zijn vergunning stond dat hij in ongeregelde waar handelde, wat waarschijnlijk betekende dat hij gebruikte spullen verkocht. Begin november ’40 leverde hij zijn vergunning alweer in. Zijn vrouw was zeker ook niet dom.Voor de oorlog was zij hoofd van de hoedeninkoopafdeling van de Bijenkorf in Den Haag, waar ze zelfs een eigen kantoortje had.
ONDERDUIKEN Uiteindelijk kreeg Nathan Swaab een belangrijke functie in de voedselvoorziening. Bij de administratie van de Joodse Raad staat hij als expediteur groentevoorziening. Hij ging dus over de prijzen, contracten, opslag en vervoer van groenten. Dat maakte hem dusdanig onmisbaar dat hij van de Joodse Raad een ‘sper’ kreeg, zodat hij voorlopig niet gedeporteerd werd. De familie begreep echter wel dat dit hen niet zou redden. Ze besloten Betty van zeven te laten onderduiken in Haarlem. Als Betsy van der Zwaag zat ze op twee adressen in Haarlem. Daarna op meerdere adressen in Amsterdam en uiteindelijk in Bladel, waar ze werd bevrijd. Haar ouders doken ook onder.
Tijdens haar onderduiktijd kreeg Betty voor haar verjaardag een leuk cadeau bezorgd. Haar vader had uit triplex voor haar één van de zeven dwergen gezaagd uit de Disneyfilm Sneeuwwitje. Gezaagd en geschilderd werd die via een tussenpersoon afgeleverd. Het is een van de weinig tastbare herinneringen aan haar vader, die de oorlog niet overleefde. Toen Betty haar moeder weer terugzag na de oorlog, begreep ze dat haar vader in Veenendaal ondergedoken had gezeten en daar – door verraad – was opgepakt.
Kort na de oorlog is Betty nog twee keer bij de onderduikgevers geweest. Haar aandacht ging echter grotendeels naar haar zieke moeder, die tijdens de onderduik niet de nodige medische verzorging had gekregen. Dat ondermijnde haar gezondheid dusdanig dat ze op 26 april 1947 overleed. Het is dus niet zo vreemd dat Betty zich de naam of het adres van de onderduikgevers van haar vader Nathan Swaab niet meer kan herinneren.
DRINGEND Bekend is dat Nathan Swaab op 18 februari 1943 nog in Amsterdam was. Uit de archieven blijkt ook dat hij op 4 december 1943 werd gearresteerd en naar Amsterdam werd vervoerd, waar hij aan het einde van de middag werd opgesloten. Op 9 december 1943 kwam hij aan in Westerbork en werd hij ondergebracht in strafbarak 67. Hij werd vervolgens met het transport van 25 januari 1944 naar Auschwitz gestuurd, waar hij stierf in oktober 1944.
Hij zou dus vanaf eind februari 1943 in Veenendaal geweest kunnen zijn. In ieder geval was hij hier tot begin december 1943. De vraag die via de Rijnpost tot alle inwoners van Veenendaal komt, is eenvoudig, maar dringend: kan iemand nog enige informatie geven over de onderduiktijd van Nathan Swaab in Veenendaal?
Als u iets weet, wilt u dan een mailtje sturen naar hvl@ichthuscollege.nl (let u even op de letter ‘h’ die voor en na de letter ‘t’ staat). Een appje of telefoontje mag ook naar Constant van den Heuvel 06-49496835 (niet op zondag).
















