
Don Quichot en de klap van de molen
6 april 2022 om 13:09 OpinieVEENENDAAL Op de lagere school moest ik ieder jaar een spreekbeurt houden. Alhoewel ik er altijd als een berg tegen opzag, kwam ik na afloop toch meestal stralend thuis. Mijn allereerste voordracht ging over onze parkiet. Het arme beestje moest met een handdoek over zijn kooi, achterop mijn bagagedrager mee naar school. Een volgende presentatie ging over de zonnebloem. Ik had een foto meegenomen, waar ik naast de zonnebloem stond waarvan ik het zaadje een half jaar eerder had geplant. De zonnebloem was zeker twee keer zo groot als ik. Wat was ik er zelf van onder de indruk.
Later kwamen onderwerpen in beeld, waar ik op vakantie mee in aanraking gekomen was. Zo heb ik het een en ander verteld over de Venetiaanse gondel. Ik had er eentje in klein formaat meegenomen. Een souvenir wat ik op reis gekocht had. En vooral op de kleurrijke verlichting was ik bijzonder trots. Toen ik dat wilde demonstreren aan mijn klasgenoten elektrocuteerde ik mijzelf zo wat. Met die spreekbeurt heb ik zeker indruk gemaakt. Daar moet wat van zijn blijven hangen bij mijn mede-leerlingen. Mijn onderwijzer herinnerde het zich in ieder geval nog als de dag van gisteren toen ik ‘m later weer eens ontmoette.
Maar het hoogtepunt van mijn lagere-school-spreekbeurten was een voordracht over Don Quichot. En Sancho Panza niet te vergeten. Ook hier had ik verschillende souvenirs meegenomen, die het verhaal moesten verlevendigen. Ik had een witte windmolen - die heb ik overigens nog -, een houten pop van de lange ridder Don Quichot en een beeldje van de dikke Sancho Panza op een ezel. Vervolgens had ik uit mijn hoofd geleerd waar het verhaal van Cervantes over ging. Een dolende ridder die ten strijde trekt tegen onrecht en onrechtvaardigheid. Met als ultieme doel in de gunst te komen bij zijn grote liefde, de schone Dulcinea. Hiertoe streed hij tegen windmolens, maar liep daarbij ook klappen van de molenwiek op.
De raadsleden die nu strijden tegen de Edese windmolens raad ik aan eerst beide delen van deze ridderroman te lezen, vooraleer een definitief oordeel te vellen. Het boek leest als een parodie, maar dwingt tot introspectie. De kloof tussen droom, fantasie en de harde werkelijkheid wordt genadeloos blootgelegd. Maar is de idealistische ‘dwaasheid’ van Don Quichot (Ede) niet waardevoller en menselijker dan de (Veense) na-mij-de-zondvloed nuchterheid?
door Jurgen Hillaert
veensteken@streekverkenner.nl











