
Museum Veenendaal zoekt alles over Gehéniau
14 juli 2022 om 11:32 HistorieVEENENDAAL Gehéniau, wat of wie is dat? Deze vraag zal bij vrijwel elke lezer opkomen. Het is een allang opgeheven Veenendaals textielbedrijf waarvan vrijwel niets meer bekend is. Het heeft bestaan van 1946 tot 1970. Museum Veenendaal zou daarom graag meer willen weten over dit bedrijf waar onder meer tafelkleden, slaapkamerkleden en smyrna-tapijten vervaardigd werden.
door Hans Wegen
Het bedrijf bevond zich naast de ook allang niet meer bestaande Hollandia Wolfabriek aan het Verlaat en was gevestigd in het pand waar eerder de vermicellifabriek van Van Buuren was. Ook allang weg (1945). Men wil onder meer weten wie er gewerkt hebben, welke producten er misschien nog van bestaan en of die wellicht een plaatsje mogen krijgen in de collectie. Misschien zijn er lezers die voorouders hadden die er gewerkt hebben of op een of andere manier een relatie hadden met dit bedrijf.
CATALOGUS De belangstelling voor Gehéniau kreeg in februari van dit jaar een impuls toen de afdeling collectiebeheer bij toeval in het bezit kwam van een catalogus van het Stedelijk Museum Amsterdam getiteld ‘Gobelins vervaardigd in opdracht van Gehéniau, Veenendaal’.
Deze catalogus uit 1950 is uitgegeven ter gelegenheid van een expositie gewijd aan deze gobelins en geschreven door Willem Sandberg, destijds directeur van het Stedelijk. In de inleiding schrijft hij onder meer: ,,De heer Gehéniau heeft een aantal Nederlandse kunstenaars de gelegenheid geboden om hun streven naar een nieuwe schilderkunstige uiting te verwerkelijken.”
ONBEKEND Van de twaalf kunstenaars die een opdracht kregen tot het vervaardigen van een ontwerp zijn van negen ervan foto’s opgenomen in het boekje. Zij waren allen vooral schilders, en een ontwerp maken voor een wandtapijt was voor de meesten van hen onbekend terrein.
Een voorbeeld van zo’n gobelin is een ontwerp vervaardigd door Charles Roelofsz te Amsterdam (1897-1962). Naast schilderijen maakte hij ook muurschilderingen en wandtapijten. Als schilder was hij in zekere mate surrealistisch en dat is te zien in dit ontwerp van een scene uit het Paradijs.
Men ziet Adam (?) zittend op de grond, de slang, Eva van wie de handen en een been overgaan in boomtakken, en de zon met het alziende oog van God. Navraag bij het gemeentearchief leverde over de expositie zelf niets op, wel dat het waarschijnlijk een reizende expositie is geweest met als laatste halte Heerlen.
EINDE De zeker in Veenendaal erg onbekende naam Gehéniau is te vinden op een uitvoerige lijst van Joodse achternamen (bron: Genealogie Nederland). Directeur Jos Gehéniau en zijn gezin waren katholiek. Jos overleed in 1957 plotseling in zijn kantoor, waarna het bedrijf tot 1970 werd voortgezet door zijn zoon.
Vanaf 1968 tekende zich al af dat de afzetmogelijkheden voor handgeweven producten verminderden. Pogingen om meer machinaal te gaan werken mislukten waardoor het bedrijf in 1970 moest sluiten. Voor zeventien mensen volgde ontslag.
Wie meer weet, kan contact opnemen met het museum: tel. 0318-550010 of kijk op www.museumveenendaal.nl










