
Holocaustherdenking in Veenendaal: ‘Herdenken vraagt dat we niet onverschillig zijn’
27 januari 2026 om 09:03 Historie Nieuws uit Veenendaal Tips van de redactieVEENENDAAL In een ingetogen, maar diep indrukwekkende sfeer is maandagmiddag 26 januari in Theater Lampegiet de holocaustherdenking van Veenendaal gehouden. Zo’n tweehonderd aanwezigen, onder wie veel scholieren, stonden stil bij de Joodse en Sinti-slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Het was de tweede keer dat in Veenendaal een lokale holocaustherdenking werd georganiseerd.
De herdenking vond dit jaar plaats in Theater Lampegiet. Jongeren van rond de vijftien jaar vormden opnieuw een belangrijk onderdeel van de bijeenkomst. Van de vier Veenendaalse middelbare scholen – Christelijk Lyceum Veenendaal, Het Perron, Ichthus College en het Rembrandt College – was telkens één klas aanwezig.
De Holocaust begon niet met gaskamers, maar met woorden
Burgemeester Gert-Jan Kats opende de herdenking met een toespraak waarin hij het verhaal vertelde van Holocaustoverlevende Eva Schloss, het buurmeisje van Anne Frank. Kats benadrukte dat herdenken meer is dan terugkijken: „De Holocaust begon niet met gaskamers, maar met woorden. Met uitsluiting. Met wegkijken.” Herdenken heeft volgens hem pas betekenis als het mensen in beweging zet en alert maakt op uitsluiting en onverschilligheid in het heden.
ONDERGEDOKEN IN VEENENDAAL
Daarna volgde het persoonlijke relaas van Ab Pach, die vertelde over zijn Joodse vader en oom. Beiden doken tijdens de oorlog onder in Veenendaal en wisten de vervolging te overleven. Minder fortuinlijk waren twee tantes van Pach: zij werden vermoord in de vernietigingskampen Auschwitz en Sobibor. Na de oorlog trouwde zijn vader met de dochter van het echtpaar bij wie hij had ondergedoken gezeten – een verhaal dat laat zien hoe levens, ondanks alles, toch weer met elkaar verbonden raakten.
Zeer aangrijpend was ook het verhaal van Jenny Scholte-Alberti. Zij vertelde over het Joodse meisje Gerdi Pinto, dat met haar ouders onderdook in Arnhem. Na verraad werden haar ouders opgepakt, maar Gerdi wist te ontsnappen en vond onderdak in Veenendaal. Door zware fysieke en mentale klachten overleed Gerdi uiteindelijk. De familie begroef haar in de achtertuin; pas veel later kreeg zij een officiële herbegrafenis.
Een centraal moment tijdens de herdenking was het voorlezen van de namen van omgekomen Joodse inwoners en onderduikers uit Veenendaal. Acht leerlingen – twee per school – lazen ieder zestien namen voor. In totaal werden zo 64 namen hardop genoemd. Na een minuut stilte speelde violiste Miriam Veeger een muziekstuk, dat de zaal zichtbaar raakte.
TERUGDENKEN ÉN DOORGEVEN
Aansluitend vertrok de stoet in stilte naar de gedenksteen bij de Duivenweide, voorafgegaan door een tamboer. Daar sprak rabbijn Evers het Kaddisch, het Joodse gebed voor de overledenen. Net als vorig jaar werden witte rozen gelegd bij de gedenksteen.
Na afloop gingen de scholieren in vier groepen uiteen voor wandelingen langs plekken in Veenendaal die een rol speelden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zo werd de herdenking niet alleen een moment van terugdenken, maar ook van doorgeven.
De sfeer tijdens de bijeenkomst was ingetogen, maar sterk betrokken. De combinatie van persoonlijke verhalen, de actieve rol van jongeren en de actuele duiding maakte de herdenking tot een indringend moment van bezinning. Zoals burgemeester Kats het verwoordde: herdenken doen we niet alleen voor het verleden, maar vooral voor de toekomst – om menselijkheid levend te houden.

























