
Gemeenteraad Veenendaal houdt grondige discussie over gemeentelijk vastgoed
12 oktober 2026 om 16:01 PolitiekVEENENDAAL Waar het college er vroeger voor koos om vastgoed eerder te verkopen, kiest het college er nu voor om vastgoed aan te houden voor bijvoorbeeld maatschappelijke voorzieningen. Ook is het plan om het onderhoudsniveau vast te stellen op hetzelfde redelijke conditieniveau. Het voorstel voor het vernieuwde strategische vastgoedbeleid van de gemeente gaf de commissie in de raad genoeg bouwstenen voor een grondige discussie.
door Arjan van den Berg
Vastgoed was wat de VVD betreft een middel om gemeentelijke doelen te bereiken en geen doel op zich. Maar nu zei de gemeente dat het aanhouden van gebouwen die niet nodig waren eerder regel dan uitzondering zou worden. ,,Bij zo’n fundamentele koerswijziging verwachten wij twee dingen: een uitleg waarom het huidige beleid tekortschiet, hoe het nieuwe beleid dat gaat oplossen en wat daarvoor nodig is, qua inzet en geld”, zei Peter van Yren.
VERANDERING
Onderbouwingen als ‘Veenendaal groeit’ en ‘ruimte is schaars’ golden tien of twintig jaar ook al. De fractie vroeg het college om nog eens uit te leggen wat er voor inwoners zou gaan veranderen door dit beleid. Van Yren las in de stukken dat het college vindt dat broodnodige maatschappelijke voorzieningen vaak over het hoofd worden gezien bij grootschalige woningbouwontwikkelingen. Dat vond hij een spijtige constatering, maar wat hem betreft zou dat opgelost moeten worden in het domein Gebiedsontwikkeling en niet in het vastgoedbeleid.
Hij vroeg zich af of die sturing op de strategische doelen niet beter kon worden bereikt door grond strategisch aan te houden, maar niet per se gebouwen. Het college koos voor conditieniveau drie voor alle gebouwonderdelen. Waarom koos het college voor een generiek onderhoudsniveau in plaats van te kijken naar de impact voor het gebouw en de onderdelen? In de beleving van Peter van Yren zou de gemeente sneller dan wettelijk verplicht verduurzamen. Zou het niet beter en effectiever zijn om op natuurlijke vervangingsmomenten de modernste technieken toe te passen?
KANSEN
Tien jaar geleden stond hetzelfde onderwerp op de agenda en was de SP ook al voorstander van dit voorstel. Sietse van der Bij was blij dat dit college goed geluisterd had. ,,Het is juist goed dat we het vastgoed gaan behouden zodat we op het moment dat de kansen zich voordoen ook meteen in kunnen grijpen. Tot nu toe zijn we zeer tevreden met dit zeer socialistische voorstel.”
Fractie Van Manen merkte dat het college nog wat zoekende was, maar vond het goed dat het college oog had voor de impact voor de verdere groei van Veenendaal. Voorzieningen stonden op dit moment al onder druk. Vier jaar geleden vroeg Dario Castiglione hier ook al aandacht voor. ,,Mooi dat uiteindelijk na al die jaren deze noodroep nu ook in dit voorstel naar voren komt en dat er gewerkt gaat worden aan een voorzieningenplan maatschappelijk vastgoed.”
TOEKOMST
Franciska van Harten zei namens het CDA het belangrijk te vinden om naar het grotere geheel te kijken. ,,Wat ons opvalt is dat we vandaag het strategisch vastgoedbeleid bespreken, terwijl pas in het derde kwartaal 2027 inzicht wordt gegeven in welke maatschappelijke voorzieningen Veenendaal in de toekomst nodig heeft, waar deze nodig zijn en welke rol de gemeente daarin wil spelen.”
De partij wilde weten of dit vooral een vastgoedplan was en zo ja, hoe dan zou worden voorkomen dat het gesprek over de voor Veenendaal noodzakelijke voorzieningen pas plaats zou vinden nadat de kaders waren vastgesteld.
De ChristenUnie vond het een mooi plan. De partij kon zich goed vinden in de uitgangspunten, maar wilde dat voorzieningen bij inbreiding in de toekomst van tevoren de nodige aandacht kregen. Ook vroeg de fractie aandacht voor planologische ruimte voor de huisvesting van huisartsen. D66 was blij met de routekaart naar verduurzaming en zag dat het doel voor CO2-reductie voor 2030 gehaald zou worden, maar het doel voor 2040 wellicht niet.
MEERWAARDE
,,De SGP kan zich vinden in de gedachte dat gemeentelijk vastgoed meer is dan een verzameling gebouwen en ook bijdraagt aan goede voorzieningen voor inwoners”, zei Jacob van der Sluijs van de SGP. ,,Het behoud van meer strategisch vastgoed kan verstandig zijn in een groeiende gemeente, maar brengt ook langdurige financiële verplichtingen met zich mee.” Deze nieuwe koers vroeg wat de fractie betreft om zorgvuldigheid. De fractie wilde steeds weten onder welk behoud vastgoed werd behouden en welke maatschappelijke meerwaarde het opleverde.
,,Sport, cultuur en ontmoeting moeten doorgang kunnen vinden in een veilige en goed onderhouden accommodatie”, vond Zara Nieboer. ,,ProVeenendaal staat positief tegenover de voorgestelde koers, maar vraagt aandacht voor keuzevrijheid richting de toekomst, goede informatievoorziening over SportService, een integrale blik op de groei van de organisatie en maatwerk voor maatschappelijke voorzieningen.”
PRAGMATISCH
Wethouder Marco van Eckeveld wist niet of hij het als een compliment moest zien dat de SP het college socialistisch noemde, maar aangezien hij in een goede bui was, deed hij dat wel. Het vasthouden van vastgoed als het college dat nodig achtte, zou op basis van zorgvuldigheid gebeuren. Het college wilde met een pragmatische en een goede manier omgaan met duurzaamheid, zodat de doelstellingen zouden worden gehaald.
Hij kon de VVD geruststellen dat het college in de komende weken en maanden niet opeens allemaal panden zou gaan kopen. Bij grootschalige woningbouw en nieuwe wijken zou worden nagedacht over multifunctioneel bouwen. Het voorgestelde conditieniveau drie was geen wet van Meden en Perzen, maar de koers van het college. Bepaalde onderdelen van het vastgoed werden inderdaad sneller verduurzaamd dan wettelijk nodig was. Dat had te maken met planning.
OPGAVE
Naast een IHP Sport zou er een IHP Welzijn komen. Daarbij zou het gesprek worden gevoerd welke voorzieningen er nodig waren in welke wijk. Bij de Programmabegroting was er ruimte voor de raad om keuzes te maken en prioriteiten te stellen. De wethouder onderschreef van harte de constatering dat deze visie breder dan vastgoed was. ,,We kijken naar voorzieningen. Wat heeft onze maatschappij nodig, wat heeft de Veenendaalse samenleving nodig. Het gebouw is een middel om een doel te bereiken en zo willen we naar vastgoed kijken. Meer dan voorheen.”
Een alternatief zou het professionaliseren van de vastgoedorganisatie zijn. Het grote nadeel daarvan was volgens de wethouder dat de gemeente minder regie en sturing zou hebben. Als de suggestie was ontstaan dat de gemeente panden aan zou kopen, die vervolgens heel lang leeg zouden staan, was dat niet terecht. ,,Op dit moment, kijk maar naar de onderwijshuisvesting, komen wij eerder panden tekort dan dat we panden overhebben. Juist dit beleid geeft ons als college en als raad de instrumenten in handen om daar flexibel mee om te gaan om de maatschappelijke opgave die we hebben op een goede manier te voorzien.”















