
Raad van Veenendaal is verdeeld over plannen nieuw theater: bioscoop en poppodium een beter idee?
24 mei 2024 om 07:58 Politiek Theater VeenendaalVEENENDAAL De discussie over een nieuw theater was ook in de bespreking van het Masterplan rond de Duivenweide in de commissie een doorlopende voorstelling. Een paar jaar geleden waren de meeste fracties nog voorstander van een groot theater met een grote zaal, kleine zaal en een poppodiumfunctie, deze week waren de geluiden verdeeld. Vooral de financieel onzekere tijden speelden parten aan de ene kant, terwijl een theater aan de andere kant veel voor Veenendaal op zou kunnen leveren.
door Arjan van den Berg
De eerste inspreker sprak namens de SGP-jongeren Vallei & Rijn. ,,We moeten scherpe keuzes maken. Het theater heeft een regiofunctie, maar de kosten worden alleen door Veenendaal betaald. Veenendaal is geen Amsterdam of Utrecht. Zorg voor een solide financiële basis en prioriteiten.” Daar viel het theater wat hem betreft dus duidelijk niet onder.
Het theater heeft een regiofunctie, maar de kosten worden alleen door Veenendaal betaald. Veenendaal is geen Amsterdam of Utrecht
De volgende uit de rij die aanschoof achter het spreekgestoelte voor gastsprekers was een vertrouwd gezicht bij deze discussie: directeur Patrick Marcus van Theater Lampegiet. Hij zag een culturele ontmoetingsplek met een prachtig evenemententerrein voor zich, vol plek voor lokaal talent, films en horeca, waarbij een cultureel Veenendaal zijns inziens niet zonder theater kon.
POPPODIUM
De derde inspreker sprak namens Stichting Human Culture. Hij bracht graag het poppodium voor het voetlicht. In de plannen werd vaak genoemd dat de kleine zaal een ‘poppodiumfunctie’ zou krijgen, maar nergens werd dat duidelijk toegelicht. Wat hem betreft zou een poppodium helemaal beschikbaar moeten zijn voor dat doel en niet de ‘sluitpost’ van het theater moeten zijn, waarbij popartiesten alleen de dagen op zouden vullen waarop het theater niets had geprogrammeerd. Hij vroeg de raad dan ook om te kiezen voor een bepaald poppodium en een verdeelsleutel met het theater. Daarnaast zag hij graag een eigen ingang. Operapubliek was immers toch een ander slag dan liefhebbers van een metalband, die wellicht ook nog later op de avond naar een concert wilde gaan.
Een stad met 70.000 inwoners verdient een bioscoop
BIOSCOOP
De rij werd gesloten door een inspreekster van de Veense Jongerenraad die weliswaar een bruggetje maakte naar de eerste spreker, maar precies het tegenovergestelde geluid liet horen. Vooral een bioscoop zou ‘erg mooi zijn’, aangezien die in Ede ‘niet zo gezellig’ was en het filmhuis vooral ingericht was ‘voor oudere inwoners’. ,,Een stad met 70.000 inwoners verdient een bioscoop en dat zou een zeer gave aanvulling zijn voor ons culturele aanbod. Laat het theater het bruisende middelpunt van de Biblebelt zijn.”
REALISME
Sanny Brunekreeft van de ChristenUnie vond het moment om dit plan nu te behandelen ‘ongelukkig gekozen’. Stemmen over een nieuw theater terwijl het financiële plaatje niet helder was, was lastig. De partij zag eerder vooral de meerwaarde van een kleiner theater en een poppodium. Nu het nieuwe kabinet de BTW dreigde te verhogen, kon dat de exploitatie ook onder druk zetten, waardoor de inkomsten of minder of de kaartjes duurder konden worden. Vraag was ook waarom in dit plan de onderdelen los van elkaar stonden. Een risicoanalyse werd node gemist. ,,Ik begrijp het enthousiasme, maar er moet ook een zeker realisme blijven. Wat ons betreft is het nu een no go.”
We hadden tien jaar geleden al moeten renoveren
,,Een nieuw theater is een lastige voor de SP”, zei Tilmann van de Loo namens zijn fractie. ,,Geld is ook een investering om mensen te laten genieten van kunst en cultuur, maar we hadden tien jaar geleden al moeten renoveren.” De fractie was blij met het poppodium dat een eigen ingang verdiende en het grote evenemententerrein. De vraag die overbleef was of er geld overbleef voor bijvoorbeeld nieuwbouw of een IKC. En de fractie zag liever meer groen dan dure woningen, maar zou later worden ‘gerustgesteld’ door de wethouder dat er in dit plan nog geen sprake was van een bepaald type woning. Alleen het onderdeel theater uit het Masterplan stond nu ter discussie.
KOPZORGEN
Dick Both van de SGP schetste de donkere financiële wolken, waarbij het ook zonder theater als kostenpost nog een hele uitdaging was om een sluitende begroting te hebben. Hij vroeg zich af waarom het plan in delen was geknipt, waarom er geen middelen waren gereserveerd door een parkeergebouw en wat er in een jaar tijd was veranderd waardoor het college toen nog voor een theater met filmzalen wilde gaan en daar de toegevoegde waarde van inzag en die in dit masterplan had geschrapt. Welke rol had de participatie gespeeld? En hoe zat het met de tijdelijke huisvesting straks tussen sloop en bouw? Bij onderwijs werd er immers altijd gezegd dat tijdelijke huisvesting onbetaalbaar en ongewenst was.
Youssef Boutachekourt van D66 vond het jammer dat het college nu niet meer voor de bioscoop koos en kondigde alvast een amendement aan om dat alsnog te doen. Het plan zorgde bij ProVeenendaal voor de ‘nodige kopzorgen – en nog steeds’, maar was desondanks nog steeds een voorstander. Een nieuw theater was van sociaal en cultureel belang. Het huidige theater was ‘echt niet meer van deze tijd en met die lekkages jaagt het inwoners en artiesten weg’, vond Nelleke Roelofsen. Punt van aandacht was dat parkeren geen overlast mocht geven aan de bewoners van de Kerkewijk en ook de amateurs die aangaven de huur te hoog te vinden.
Het is van groot belang om nu te investeren in cultuur en daarmee in de toekomst van Veenendaal
UITSTRALING
Lokaal Veenendaal toonde zich ook een voor- en medestander en vond het een prachtig voorstel, waarbij de door de fractie verlangde groene long ook mee was genomen. Het uiterlijk van het theater mocht dan wel meer passend bij de omgeving zijn. ,,Nu is het een blok beton met de uitstraling van het Pentagon of Fort Knox”, vond Barbara van Ravenswaaij. Suggestie was iets met een ‘industrieel tintje met een knipoog naar de textielfabrieken’. GroenLinks wilde ook graag een nieuw theater. Tijs van der Weele: ,,Het is van groot belang om nu te investeren in cultuur en daarmee in de toekomst van Veenendaal. Laten we nu zorgen dat we een goede keuze maken en niet over veertig jaar weer dezelfde discussie hebben als nu.”
Het CDA zag het in delen opsplitsen van het plan ook problemen. Zo was parkeren wel nodig voor de beoogde woningbouw, maar weer niet voor het theater. In het kader van duurzaamheid zou er ook meteen voor 800 in plaats van 700 stoelen kunnen worden gekozen, zodat het theater over een aantal jaar niet weer te krap zou zijn. En was het geen idee om die stoelen te laten sponsoren door een bedrijf? De partij vroeg al eerder om te zoeken naar vormen van cofinanciering. Immers: het theater had een regiofunctie en veel bezoekers kwamen van buiten Veenendaal, dus waarom zou Veenendaal alles betalen?
De VVD zocht en vond een bijdrage die na al het gezegde nog iets toe kon voegen. Henk Vernout was naar eigen zeggen een ‘vurig voorstander van een nieuw theater’, dat zorgde voor sociale cohesie, strijd tegen de eenzaamheid, dat kinderen leerde creatief te zijn, kortom voor maatschappelijke betrokkenheid zorgde. Daarbij zou het ook aantrekkelijker zijn voor bedrijven en nieuwe inwoners om naar Veenendaal te komen. Sponsoring van stoelen vond de fractie een goed idee.
BELEVING
Wethouder Lochtenberg zei toe graag in gesprek te gaan over het poppodium en te kijken wat de wensen waren om te zorgen dat het meer zou zijn dan de sluitpost van het theater. Het was belangrijk dat het een volwaardig onderdeel van het theater zou worden. Tegen de ChristenUnie zei hij eerst maar eens te kijken of het plan voor de Btw-verhoging door zou gaan. De fasering was expres zo gekozen. Op deze manier was het bijvoorbeeld mogelijk om eerst voor het theater te kiezen en dan eventueel te stoppen of later een nieuw onderdeel te realiseren. Als de raad nu koos voor een opzet, werd die uitgewerkt met een bijbehorende risicoanalyse. Door gestegen kosten van de rente en extra ruimte die nodig blijkt te zijn zou een bioscoop bij nader inzien nu niet meer rendabel zijn.
De participatie was ‘zeer uitgebreid met de samenleving’ gedaan, het theater had zelf al ideeën over de overbruggingsperiode en de kosten van de hoge zaalhuur zouden bij een nieuw complex lager uit kunnen vallen en met zaalhuurregelingen werd geprobeerd om de huur aantrekkelijker te maken. Lokaal Veenendaal kon hij geruststellen: het plaatje bij het plan was alleen bedoeld om de vierkante meters inzichtelijk te maken. Met de provincie en andere gemeentes waren er al gesprekken over bijdragen en het idee van stoelensponsoring werd zeker opgepakt. 800 stoelen in plaats van 700, zoals het CDA opperde, zou ten koste gaan van de beleving. En beleving – daar draait het bij theater ten slotte wel om.
















