
Natuurrubriek Slenterpaadjes over januari: ‘Boomklevers en hun voorjaarsriedel’
7 januari 2025 om 07:30 Natuur en milieu Columns Nieuws uit VeenendaalVEENENDAAL We zitten alweer in een nieuw jaar, wat zal de natuur ons dit jaar mee verrassen? De oude weerspreuken en gezegden kloppen vaak nog steeds: ‘Nevel in januari, geeft een nat vroegjaar’. Dat komt van voorjaar, de lente, vroeger werd dit ook wel uitkom genoemd. En: ‘Draagt de nieuwjaarsmaand een sneeuwwit kleed, dan is de zomer zeker heet’. Afwachten maar wat voor zomer we krijgen.
door Aly van Eijk
De maandnaam van januari is louwmaand, komt van het leerlooien, de huiden van de geslachte dieren werden in deze maand gelooid. Verder is het de ijsmaand, de wolfsmaand en wintermaand. Januari is genoemd naar de Romeinse god Janus, de god van de poorten en deuren.
Terwijl ik dit schrijf is er net de eerste vorst geweest, dat betekent ‘s morgens krabben! Maar in mijn tuin bloeien de leeuwenbekjes en de lobelia nog! In het bos is het nogal modderig door al het vocht wat er is gevallen, overal diepe plassen en waar de voertuigen gereden hebben van zware wagens diepe sporen. Toch heeft dat weer een ander aspect, je kunt heel goed zien aan de prenten waar bijvoorbeeld reeën gelopen hebben. Dan zie je ook veel afdrukken van honden, maar ik kon geen wolvensporen ontdekken. Gelukkig ben ik er nog geen een tegen gekomen, mijn Pyrenese berghond zou het misschien wel voor een herder aanzien!
Met slecht weer heb ik de bossen meestal voor mezelf, weinig hardlopers en mountainbikers, en dat heeft weer een voordeel; dan zie je veel meer dieren, reeën die op hun gemak een pad oversteken, kijken eens aandachtig naar de hond en gaan op hun gemak huns weegs. Als je heel goed oplet, zie je een boommarter, maar dat betekent veel stilstaan en om je heen kijken wat je ziet!
De boomklevers zijn bezig met hun voorjaarsriedel. In deze tijd zijn ze echt al luidruchtig. Harde fluittonen en trillers. Boomklevers vallen best op, hun borst is een beetje oranje/roesbruin en de rest hun kop rug vleugel en staart zijn blauw. Ze maken gebruik van oude holtes en soms nestkasten om er te broeden. Dan metselen ze met modder en klei het vlieggat precies tot de juiste grootte. Ze houden van gemengde oudere bossen, zoals bijvoorbeeld de beuken en de bossen hier in de omgeving zijn al op leeftijd. Ze inspecteren de boomschors zorgvuldig op insecten, in de winter gaan ze over op noten en zaden. Het zijn standvogels, dat wil zeggen dat ze het hele jaar hier blijven.
De bosbessenstruikjes lopen al uit, gaat het nog vriezen stopt het gewoon, net als de sneeuwklokjes, die hebben ook antivries. De eerst bollen komen al boven de grond. En dat doe je in januari, uitkijken naar het voorjaar, alles slaapt nog, maar nog even! Ik wens U allen een mooi natuurjaar!
Kijk en geniet.
Reageren? Mail naar alyvaneijk@gmail.com
Meer columns op De Rijnpost.nl lezen? Je vindt ze in dit dossier.
















