Afbeelding
Jan van den Brink

Echtpaar Hasselaar viert gouden huwelijksfeest: ‘Nooit spijt gehad dat we hiernaartoe zijn verhuisd’

15 november 2025 om 07:23 Mensen Nieuws uit Rhenen Nieuws uit Veenendaal

ELST Het is een mooie rustige omgeving, daar aan de Prinsenweg in Elst. Een jaren-tachtigwijk waar het leven zich voortkabbelt en waar het dus goed wonen is. ,,Maar hier tegenover zijn wel plannen om woningen van driehoog neer te zetten. Op die plek stond ooit de openbare school. Over die bouwplannen komen nog de nodige vergaderingen.” Dat zegt Piet Hasselaar (73). Met zijn Anneke Hasselaar-Fidder (69) was hij op donderdag 30 oktober precies een halve eeuw getouwd. Ter gelegenheid daarvan kwam burgemeester Géran Kaai met zijn secretaresse langs. De komst van Rijnpost-fotograaf Jan van den Brink in het laatste kwartier maakte de feestelijke dag helemaal compleet.

door Martin Brink

Het wordt een gezellig verhaal met een echtpaar waar de eenvoudigheid van het leven centraal staat. Tevreden zijn met wat je hebt, straalt van alles af. Gezondheid en gelukkig-zijn gaat boven alles. Op de gedenkwaardige dag stond ’s avonds nog een gezellig etentje in de agenda. ,,Bij de wok, hier in Elst. Samen met ons en het gezin van mijn dochter”, licht Piet Hasselaar toe.

Ze voelen zich helemaal thuis in Elst. ,,Ik heb er nooit spijt van gehad dat we hier naartoe zijn verhuisd. We zijn er blij mee dat we dit huis konden kopen”, zegt Anneke Hasselaar.

Dat ging niet zonder slag of stoot. Er was in 1984, het jaar waarin ze naar Elst trokken, een kruiwagen nodig om dat voor elkaar te krijgen. Piet: ,,Ik werkte op het Mobilisatie-complex. De baas daar zat in allerlei besturen en had ook iets te maken met het toewijzen van woningen. Hij zei tegen iemand bij de gemeente: deze man zoekt al jaren iets. Zo kwamen we aan deze woning. In Veenendaal kwamen we er helemáál niet tussen!”

ROLLS-ROYCE

Beiden zijn geboren en getogen in Veenendaal en hebben daar een heel verleden opgebouwd. Ze trouwden daar ook op het gemeentehuis. Een mooi trouwalbum, gemaakt door de bekende Veense fotograaf Jan Bakker, getuigt daar nog van. Een stralende bruid wordt op die zonnige oktoberdag van 1975 opgehaald vanaf haar woonhuis aan de W.C. Beeremansstraat in zuid.

De gezellige statiefoto’s werden genomen in De Leemkuil in Rhenen. De mooie bosrijke entourage en met die mooie herfstkleuren geeft dat een apart cachet. De oldtimer Rolls-Royce van vervoersbedrijf Bolderman - die nog altijd op de weg is - trekt veel bekijks in de W.C. Beeremansstraat. Zo’n sjieke auto komt immers niet elke dag langs. ,,Cees Bolderman was onze buurman”, weet Anneke Hasselaar.

Het leuke is dat het echtpaar jaren later vele busreizen van reisbureau Bolderman heeft gemaakt. ,,Het is er altijd heel gezellig. Vorig jaar zaten we in Oostenrijk. In andere jaren zijn we onder meer naar Duitsland, Tsjechië, Italië, Frankrijk en Luxemburg geweest. Dat doen we één keer per jaar.”

Het echtpaar houdt het daarmee bescheiden: geen hele lange vakanties en niet heel erg ver weg. Het moet allemaal wel te behappen zijn. Ze maken ook graag wandelingen, maar wel in de buurt. Rondstappen of fietsen in de mooie omgeving van Elst. Piet: ,,Anneke werkte soms in Rhenen. Dan reed ik mee in de auto en liep zelf weer terug naar Elst….”

Maar ook wandelt het paar graag in de omgeving van het MOB-complex. Dat is precies de omgeving waar Piet Hasselaar jarenlang gewerkt heeft. Daarover later meer.

(de tekst gaat onder de foto verder)


Anneke werd met een oldtimer Rolls-Royce opgehaald aan de W.C. Beeremansstraat in Veenendaal-Zuid. De buurtbewoners hebben meer oog voor de sjieke auto en de chauffeur dan voor het echtpaar… - Familiearchief

Drie jaar hadden ze verkering. Ze leerden elkaar kennen bij dancing De Munt in Rhenen. Met vrienden trokken ze er vaak naar toe. Piet: ,,En op zondagavond ging we ook nog naar dansschool Spaan.”

Piet komt van de Parallelweg, Anneke is geboren aan het Benedeneind. Haar meisjesnaam is Fidder. Voorwaar geen Veense of regionale naam. ,,Dat klopt”, zegt ze. ,,Mijn ouders hebben elkaar leren kennen tijdens de mobilisatie. Hij was soldaat en stond voor haar huis aan het Benedeneind op wacht. Op een goed moment werd hij binnen geroepen voor een kop koffie. Zo is het gekomen. Mijn moeder woonde bij mijn oma in. Ze waren al 12,5 jaar getrouwd toen ik kwam. Na zeven maanden verhuisden we naar de Beeremansstraat.”

PARALLELWEG

De soldaat Jan Fidder uit Doornspijk kreeg op die manier kennis aan Truus Gaasbeek. Waarom een soldaat precies voor hun huis op wacht stond, kan dochter Anneke niet vertellen. Was er een belangrijke persoon die er was ingekwartierd? Wie zal het zeggen. Een niet-alledaagse kennismaking is het in ieder geval wel.

Anneke zou enig kind blijven, echtgenoot Piet was de een na de oudste van vijf kinderen. Hij is van de ‘Prilweg’, de Parallelweg op z’n Veens gezegd. Opa had daar grote stukken grond (,,Tot aan het Benedeneind toe”) waar hij paarden hield. ,,Hij liet daar ook drie huizen bouwen, in één daarvan woonden mijn ouders.”

Hij vertelt dat later veel land door de gemeente Veenendaal werd onteigend. De jonge Piet ging naar de CNSII-school aan het Bruïneplein, later naar de CNSIII aan de Adriaen van Ostadelaan. Na de lagere school ging hij naar de ambachtsschool en leerde daar om met zijn handen te werken. Hij heeft er later veel plezier van gehad.

We komen hem in zijn werkzame leven tegen bij de Boxal, de bekende spuitbussenfabriek in wijk ’t Hoorntje in Veenendaal. Nu is er een braakliggend terrein; volgend jaar komen daar woningen. De fabriek was omgeven door hoog- en laagbouw maar begon ooit midden in een weiland, in een pand dat in feite een afsplitsing was van textielfabriek Frisia.

Met zijn Anneke kregen ze van Patrimoniums Bouwvereniging een huis toegewezen aan de Dahliastraat. ,,Vanuit mijn woning stapte ik zo de fabriek in.” Via horen-zeggen vernamen ze dat deze flatwoning vrij kwam. Bij de bouwvereniging was het vervolgens snel geregeld.

Piet kent de vele verhalen over het werken met gevaarlijke stoffen bij de Boxal. De buurt klaagde constant; die vluchtige stoffen zouden de oorzaak zijn van de vele gevallen van kanker in de wijk. Onderzoeken werden uitgevoerd maar de juiste diagnose kon nooit gesteld worden. Wel werd de uitstootpijp een flink stuk opgehoogd.

Piet denkt er wel het zijne van. Omdat hij werkzaam was op de gereedschapsmakerij waar allerlei machineonderdelen werden gemaakt, kwam hij door de hele fabriek. Zo wist hij precies wat waar gebruikt werd. Hij rept over een collega die met bepaalde stoffen werkte en later aan de vreselijke ziekte is overleden.

Toch denkt hij met genoegen terug aan die fijne jaren op de Boxal. Piet: ,,Het was een mooie tijd. Ik was er gereedschaps- en stempelmaker. We hadden een leuke ploeg. Op vrijdagmiddag werd er altijd iets gehaald bij snackbar ’t Hoekje aan de Gortstraat. De chef van de gereedschapsmakerij was ook een gouden vent. Die heette Van Straten. Als hij vond dat iemand van ons opslag moest hebben, ging hij naar kantoor en kwam er niet eerder vandaan dan dat de man een schaal erbij kreeg.”

DANSSCHOOL BOLDERMAN

Een meer dan goede vriend was Jacob Bolderman. Die begon zijn werkzame leven als draaier achter de werkbank op de Boxal. Hij zou later een bekende Veenendaler worden. Piet Hasselaar: ,,Hij werd getipt om twee woningen in Ede te kopen. Tsja, hij twijfelde sterk. Zou ik dat wel doen? Hij waagde de gok en verhuurde het. Zo kon hij een buffer opbouwen om later in Veenendaal een eigen dansschool te beginnen.”

Dat was aan de Zandstraat op de hoek van de Bevrijdingslaan. Dansschool Bolderman werd een begrip en heeft bestaan van 1978 tot 2002. De onderneming en het pand maakten plaats voor het huidige appartementengebouw. Jannie en Jacob Bolderman gaven er les en voor velen zijn daar ook de eerste schreden op het verkeringspad gezet. Jacob was een goede vriend van Pieter Hasselaar. ,,We noemden hem altijd Joppie. Hij was helemaal gek van dansen. Vaak gingen we samen naar de dansschool in Amersfoort.”

Maar de tijden veranderden. Na ruim twaalf jaar kwam er een nieuwe chef die misschien theoretisch beter onderlegd was, maar van de praktijk bitter weinig wist. En dus gingen velen ‘lopen’. Ook Pieter Hasselaar vond het genoeg. Bovendien kreeg hij ook te maken met werktijdverkorting.

Hij las in een advertentie dat er personeel werd gezocht bij defensie, in dit geval op het Mobilisatiecomplex in Elst. Zo trad hij in 1980 als burger in dienst van het rijk. ,,Wat ik daar deed? Eigenlijk van alles.” Het plezier was groot maar in 1994 stopte de dienstplicht en werden vele werkzaamheden afgebouwd. Het complex in Elst werd gesloten (het is nog uitsluitend in gebruik als oefenterrein door de politie) en verkaste Piet naar het MOB-complex in Ede om vervolgens te werken in Hoenderloo.

Daar deelde hij onder meer munitie uit en nam de verschoten patronen vervolgens weer in ontvangst bij oefenterrein Oostdorp, onderdeel van het Infanterie Schietkamp Harskamp. Het was volgens hem zwaar werk omdat het toch om behoorlijke gewichten ging die hij moest verplaatsen. Op zijn 65ste plus negen maanden kon hij met pensioen.

KANTOOR PANTER

Anneke zat op de Groen van Prinstererschool, daarna ging ze naar de Huishoudschool aan de Stationssingel. ,,Vervolgens ging ik werken. Ik kwam op mijn vijftiende jaar op kantoor van sigarenfabriek Panter. Ik zat in de verkoop bij mijn chefs Konings en Stuijvenberg.”

Ze werkte er acht jaar. Na haar trouwen stopte ze met werken. ,,Zo ging dat in die tijd.” Maar na drie jaar ‘thuiszitten’ begon het toch te kriebelen. Ze nam schoonmaakwerk aan, werkte bij mensen in de huishouding en trad in dienst bij Tzorg, een professionele organisatie voor hulp en begeleiding, veelal bij ouderen. Daar is ze tot aan haar pensioen werkzaam geweest.

Vaardig zijn met de handen, daar heeft Piet Hasselaar tot op de dag van vandaag veel aan gehad. Er moest een muurtje weggebroken in zijn huidige woning om zo de keuken meer ruimte te geven. ,,De offerte kwam uit om meer dan vierduizend euro! Ik zei: dat doe ik zelf wel.”

Daarnaast deed hij in een grote woning in de regio veel kluswerk dat liefst zes jaar in beslag nam. En een douche witten? Hij draaide er zijn hand niet voor om. Hij erkent dat hij misschien zijn beroep had gemist. Met een eigen klusbedrijf had hij ook aardig zijn geld kunnen verdienen. Daarentegen verraste hij zijn kleindochter ook met een groot en bijzonder poppenhuis.

HASSELAARBAND

Tot slot wil hij graag benoemen dat de familie Hasselaar in Veenendaal en de regio alom bekend is. ,,Mijn vader Marinus zat samen met zijn broer Kobus in de Hasselaarband. Hij speelde op feesten en partijen. Als ik met hem meeging dan vond ik het geweldig indrukwekkend hoe hij op de xylofoon, de vibrafoon en de trommels sloeg. Hij was erg muzikaal, het zat er bij hem al vroeg in.”

,,Hij begon met het slaan op potten en pannen. Mijn oma zei dan: ga maar in de schuur achter op het land oefenen. Zelf ben ik niet echt muzikaal. Ik heb even klarinet gespeeld maar dat was het toch niet. Mijn vader wilde mij de trommelslagen niet leren. Hij was, net als vele Hasselaars, lid van Caecilia. Hij heeft later zijn instrumenten aan de vereniging geschonken.”

Oudere Veenendalers zullen ook nog wel Bart Hasselaar kennen, een oom van onze zegsman Piet. ,,Hij was kolenboer maar stapte bijtijds over naar de verkoop van brandstof. Op de hoek van de Patrimoniumlaan met de Paulus Potterstraat had hij een benzinestation en wasserette. Kijk, hier staat hij op een foto. En altijd keurig gekleed, met een stropdas om! Dat deed hij ook toen hij nog kolenboer was. Zijn zoon Bart is in die tijd ook een rijschool begonnen.”

Piet en Anneke kregen één dochter, de nu 46-jarige Trudy die samen met haar man en zestienjarige dochter op Remmerden, tussen Elst en Rhenen, woont.

Mail de redactie
Meld een correctie

Martin Brink
Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie