
Bijzondere stukken uitgelicht in speciale rubriek: ‘Duiken’ in de collectie van het Stadsmuseum
6 augustus 2026 om 13:02 Historie Nieuws uit Rhenen Tips van de redactieVEENENDAAL Hoeveel collectiestukken het Stadsmuseum Rhenen precies heeft, dat is nog een punt van onderzoek. ,,Daar zijn we nog mee bezig”, zegt Evelyn Schuurmans. Zij is één van de rondleiders in het museum aan de Kerkstraat en weet ook veel over de collectie. Een uit zes personen bestaande werkgroep is al enkele jaren bezig om de goederen te beschrijven.
door Martin Brink
En dan gaat het om stukken die niet alleen in de vaste presentatie zijn te vinden, maar ook om voorwerpen die elders in de gemeente te zien zijn, openbaar of semi-openbaar. Verder ook de vele goederen die in de depots (in het Stadsmuseum en in de kelder van Huis van de Gemeente) zijn ondergebracht, wachtend op een permanente of tijdelijke opstelling in bijvoorbeeld een thema-expositie. De Rijnpost start binnenkort een rubriek waarin één van die voorwerpen naar voren wordt gehaald in achtergronden, wensen of ingepast in een groter geheel. Aan de vooravond daarvan een verhaal over de collectie, wat er nog gemist wordt en waar een en ander is te vinden.
Vijf jaar geleden begon de coronatijd. Musea en allerlei andere openbare instellingen werden gesloten en activiteiten stonden op een zeer laag pitje. Nu is dat bijna niet meer voor te stellen maar het leven stond letterlijk stil. Bij het Stadsmuseum Rhenen greep de toenmalige museumdirecteur Maike Woldring die gelegenheid aan om delen van de collectie eens goed te beschrijven. Ook om vragen te stellen over welk voorwerp of voorwerpen de betrokken vrijwilligers het meest bijzonder vonden.
BETROKKEN
,,Dat werd ook gedaan om de vrijwilligers bij het museum betrokken te houden”, herinnert Evelyn Schuurmans zich. Zij is sinds de start van het Stadsmuseum, in 2018, aan de instelling verbonden. De vraag aan de museummedewerkers was: ,,Vind je het leuk om meer te weten over deze objecten in onze vaste presentatie? En over foto’s van Rhenen, vroeger? In de tijd dat ons museum gesloten is, sturen we jou elke week een boeiend verhaal.” Dat gebeurde aan de hand van twintig foto’s. Bij de afbeeldingen stonden vervolgens nummers. Men kon drie nummers insturen. Daaruit werd een top 10 gemaakt. Mirjam Groenendijk, voorheen voorzitter van het museumbestuur en nu lid van de werkgroep collectiebeheer, zorgde met de rondleiders voor de informatie. Zo kwam elke week één werk of foto aan de beurt.
In de tijd dat ons museum gesloten is, sturen we jou elke week een boeiend verhaal
Het project werd ’Duikje in de collecties genoemd’. Het vormde meteen een goede opmaat bij gebruik van de audiotour in het museum. Die ‘duik’ gaat tot op de huidige dag door, nu intensiever dan ooit in een werkgroepje onder leiding van Teuni Kars. Lang niet alle museumstukken zijn in het Stadsmuseum of in het depot te vinden. Ook elders in Rhenen vinden we ze terug, al dan niet in een openbare ruimte. In de kamers van de wethouders bijvoorbeeld en in de gangen van de bestuurders in het niet-openbare deel van het Huis van de Gemeente, hangen of staan van oudsher historische werken die horen tot de collectie die in bruikleen is gegeven aan het museum. In het museum is daar geen plek voor en hier zijn ze toch goed beschermd, zo werd gedacht.
Naast de burgemeesterskamer hangt bijvoorbeeld een origineel tarievenbord van het veer over de Rijn met ernaast een groot schilderij ervan. Op de kamer van een wethouder hangt weer een schilderstuk van Hendrikus Roodenburg. Hij maakte het in 1935 en beeldde er het overzetveer op af. Geen internationaal topstuk maar wel tekenend voor de omgeving en een mooi werk uit de recente historie van de stad die zo nauw verbonden is met de rivier.
TRAM IN DE TOLLEKAMP
In dit verband alvast een korte ‘duik’ in de collectie want net zo verbonden met Rhenen is de tram die tot 14 december 1948 dwars door het centrum en onderlangs de Grebbeberg reed. De vele foto’s tonen een iconisch en welhaast nostalgisch beeld van een tram die vanaf Zeist, door Rhenen, richting Wageningen en verder naar Oosterbeek en Arnhem voerde. Die tram werd in 2012 op schaal nagemaakt. Dat gebeurde door Renkumer Mart Vlaanderen, een echte tramfanaat die er een studie van maakte en er zelfs ooit een boek over schreef (‘Trams tussen Rhenen en Arnhem’, in te zien in de bibliotheek in het Huis van de Gemeente!). Hij schonk zijn aansprekende schaalmodel (de NBM71-tram die daadwerkelijk door Rhenen heeft gereden!) aan het museum in Veenendaal.
Daar besloot men al snel dat het in Rhenen meer op zijn plek was. De toenmalige conservator Bert Huiskes nam het graag in ontvangst maar constateerde vervolgens dat er in het museum geen plek voor was. Zo bracht hij het onder in zorglocatie De Tollekamp omdat veel bewoners, zo vond hij, die daar wonen die tram nog hebben zien rijden. Het is er nog altijd in de recreatiezaal te bewonderen, alleen wel met een verkeerde naam van de maker… Mirjam Groenendijk vertelt over een aantal inhoudelijke aspecten rond de collectie. Ze laat weten dat er nu ongeveer 4200 geregistreerde objecten zijn. ,,Daarnaast zijn er met name op het gebied van de archeologie de nodige moeilijk te registreren kleine objecten.” Hoe is de collectie tot stand gekomen? Groenendijk: ,,Die is opgebouwd vanaf ongeveer 1910, toen er een Oudheidkamer in Rhenen werd opgericht. Het huidige museum is een voorzetting daarvan in rechte lijn. Het eigenaarschap van de collectie is divers. Het meeste is formeel van de gemeente die het gebruiksrecht aan het Stadsmuseum heeft overgedragen. Daarnaast zijn er items in bruikleen van derden en hebben wij een beperkt aantal items in eigen bezit. De meeste objecten zijn geschonken. Een beperkt deel aangekocht. Het overgrote deel betreft vondsten, onder andere archeologie.”
In het huidige beleidsplan van het museum staat dat we meer aandacht willen schenken aan het wat recente verleden
Wat wordt er nog gemist? Groenendijk: ,,Dat is een lastig te beantwoorden vraag. Er is zoveel dat je zou wensen. In het huidige beleidsplan van het museum staat dat we meer aandacht willen schenken aan het wat recente verleden.” De middenstand en het bedrijfsleven van weleer zouden een mooi uitgangspunt kunnen zijn. Een goed voorbeeld daarvan is de in het depot aanwezige fiets van de uit Zeist afkomstige firma Hartogs. Die was tot in de tweede helft van de jaren vijftig gevestigd op Remmerden en bood aan velen werk. De fietsfabriek was in die jaren zelfs de grootste werkgever van Rhenen. Is het museum actief op zoek naar voorwerpen? Mirjam Groenendijk: ,,De stichting Behoud Collectie Erfgoed Rhenen (www.behouderfgoedrhenen.nl) zoekt actief voor ons naar passende museale objecten en koopt die zo mogelijk aan. Vervolgens krijgen wij ze in bruikleen.” De vaste tentoonstelling bestaat uit ongeveer honderd items. Die wisselt af en toe, maar niet met regelmaat en beperkt. Groenendijk: ,,Op dit moment is er een project gaande dat de registratie moet actualiseren en verbeteren. Overigens is dit een gegeven dat permanent aandacht vraagt.”
Tot slot: is het zogenaamde LAMO-proces bij het Stadsmuseum Rhenen van toepassing? Dat is de Leidraad Afstoting Museale Objecten (LAMO) zoals opgesteld door de Museumvereniging waar het Stadsmuseum Rhenen, net als ruim vijfhonderd andere musea, bij is aangesloten. Volgens opgestelde strenge regels kan een voorwerp dat niet (meer) in de collectie past, worden vervreemd. Groenendijk: ,,De LAMO wordt gehanteerd in die zin dat eenmaal geregistreerde objecten niet zomaar kunnen worden afgestoten. De vraag is wel of hier toekomstige beleid op moet worden gemaakt en uitgevoerd, want niet alles wat ooit is binnengekomen past nog in de collectie.”



















