
Begraven in Veenendaal deel 1: Napoleon zorgde voor nieuwe begraafplaats
15 augustus 2020 om 15:08 AlgemeenDoor Aart Aalbers
Veenendaal - De oude begraafplaats aan de Achterkerkstraat (inmiddels ingeklemd tussen Kostverloren en Weverij) kent een heftige historie. De komende tijd gaan we er één en ander over schrijven.
Dit naar aanleiding van dat ‘Vrienden van Gedenkpark de Oude Begraafplaats’ is opgericht. Deze oprichting vindt zijn oorzaak in het feit dat deze begraafplaats voor de zoveelste keer ‘vergeten’ werd te onderhouden. De toekomst zal leren of het nu beter zal gaan.
Begraven in kerk
De inwoners van Gelders en Stichts Veenendaal begroeven meer dan 260 jaar hun doden in en rond de Oude Kerk op de Markt. Nadat Nederland in 1795 onder Frans bestuur kwam te staan gingen er andere regels en wetten gelden.
Er werd een brief bezorgd van de onderprefect van het Arrondissement van Amersfoort waarin stond dat begraven in de kerk vanaf december 1812 verboden werd. Daar kwam ook nog eens bij dat in een cirkel van veertig meter rond het kerkhof geen woningen mochten staan en die stonden er wel. Veenendaal had een probleem. Zowel in als buiten de kerk mocht niet meer begraven worden. In feite zorgde Napoleon er dus indirect voor dat Veenendaal geen kerkhof meer heeft maar een begraafplaats kreeg. Maar daar ging wel een tijdje overheen.
Ambtelijke molens
Ook in 1812 draaiden de ambtelijke molens langzaam. Erg traag zelfs. Men had reeds datzelfde jaar een stuk bouwland op het oog. In de volksmond heette dat buiten de bebouwde kom gelegen stukje land: ‘Het Heuveltje’. Het 65 roeden grootte perceel was in eigendom bij de ongehuwde Johanna Maria Wildeman uit het Drentse Havelte.
Zij had het perceel geërfd van haar Veense opa Huibert Wildeman. Teunis van de Zandschulp huurde het stukje grond voor vijf gulden per jaar. Wildeman legde een prijs op tafel en vroeg vijfhonderd gulden.
Veenendaal reageerde dat zo’n hoge prijs voor zo’n klein stukje onvruchtbare grond met veel bulten en gaten veel te hoog was. Na zestien (16!!) jaar wordt er op 8 september 1828 eindelijk een akkoord bereikt. Op 30 januari 1829 wordt de koopakte getekend en zijn ook de gemeentebesturen van Ede en Veenendaal maar ook de Gedeputeerde Staten van Utrecht en Gelderland akkoord.
Vertrouwenspersoon
Ede gaat een derde van de kosten betalen zo werd afgesproken.
Mejuffrouw Wildeman laat in de acte beschrijven dat de graven 1 en 2 op de begraafplaats op haar naam komen te staan. Jaren later worden de graven op naam gezet van haar vertrouwenspersoon in Veenendaal te weten Antonie van der Poel. Van der Poel was grootgrondbezitter, fabrikeur, olieslager en tevens wethouder in Veenendaal.
Hij ligt vanaf 1848 begraven op deze begraafplaats. Zijn gerenoveerde gedenksteen is anno 2020 nog steeds te bekijken op deze inmiddels gesloten verklaarde begraafplaats.











