
Politieke verschillen voor detailhandel in Veenendaal
8 oktober 2025 om 07:21 Politiek Nieuws uit VeenendaalVEENENDAAL Met de komst van 6000 nieuwe woningen in de komende 10 jaar denkt de gemeente dat het winkelaanbod tevens aan verandering toe is. Zij wil daarom haar detailhandelsbeleid aanpassen, ook vanwege meer online aankopen en landelijke ontwikkelingen. De lokale politieke partijen hebben mogen aangeven hoe zij denken dat Veenendaal met haar winkels om moet gaan.
door Peter Kuijpers
Robin Palma van D66 geeft aan voor een bruisende stad te zijn en in iedere woonwijk een bakker en slager. De partij denkt wel dat de gemeente rekening moet houden met nieuwe wijken net over de huidige bebouwde komgrens, die Veenendaal zelf of de omliggende gemeenten zullen bouwen. Daar zullen dan winkels nodig zijn en D66 denkt dat ondernemers zelf het beste kunnen kiezen waar plek is voor hun bedrijf. Ook op locaties die de gemeente misschien voor ogen heeft. Verder denkt Palma dat de Winkelstad zich meer kan promoten. Ruimte moet houden voor grote winkels, maar ook andere levendigheid van kantoren tot horeca en wellicht een tweede museum.
LEEGSTAND
Frank Buijs van het CDA ziet in het huidige beleid een juiste basis met een sterk centrum, wijkcentra en de woonboulevard. Zijn partij wil geen supermarkten buiten deze plekken; dit kan de aantrekkingskracht van de Winkelstad verzwakken. Leegstand is te verwachten, maar de gemeente zou hier sneller kunnen optreden om te kijken of delen niet beter geschikt zijn voor wonen. Met de kanttekening dat er wel ruimte moet blijven voor evenementen. Verder kunnen zorg en kinderopvang wellicht ook een plek vinden in leegstaande winkelpanden. De autoboulevard zou Buijs graag versterken met naast auto’s elektrische fietsen en scooters tot een mobiliteitsboulevard.
LEEFBAAR
GroenLinksPvdA wil leegstand sneller tegengaan en volgens Kim Faber zou de gemeente zich daarbij kunnen richten op leefbaarheid en duurzaamheid. Veenendaal verandert en daarom moeten wijkcentra met andere voorzieningen dan winkels groeien om de lege panden te vullen. Barbara van Ravenswaaij (Lokaal Veenendaal) vindt het huidige beleid wel passend, maar denkt dat de gemeente meer hulp kan bieden bij het veranderen van winkels naar bijvoorbeeld wonen. Voor grote winkelbedrijven als een Ikea of Mediamarkt denkt Lokaal Veenendaal dat de gemeente daar ook buiten het centrum ruimte voor zou moeten bieden.
WAARDE IN DE WIJK
Peter van Yren (VVD) heeft gekeken of het beleid werkt voor de inwoners, ondernemers en de omgeving. De partij ziet een focus op het centrum, terwijl inwoners waarde hechten aan de wijkvoorzieningen. Daar zit ook geen leegstand en de VVD vindt regels daartegen daarom te ver gaan. Een jaar zou ook te snel zijn om op te treden, want omliggende bedrijven kunnen niet altijd snel van pand wisselen. Volgens Van Yren geven ondernemers in het centrum aan dat de parkeertarieven daar meer een reden zijn dat panden leeg blijven. Uitbreiding van woonwinkels past volgens de VVD het beste aan de Groeneveldselaan.
KWALITEIT
Namens de SGP geeft Theo van Iperen aan dat er geen aanleiding is om het huidige beleid te wijzigen, maar vraagt wel actie om te kijken naar de kwaliteit van het winkelaanbod. En denkt bij de uitbreiding van detailhandel aan de Groeneveldselaan voor grote artikelen. Net als Sietse van der Bij (SP), die daarnaast vooral de grondgebonden winkels wil versterken met steun voor kleinschalige lokale detailhandel. En zijn partij wil geen dwang om ondernemers buiten de voorkeurslocaties van de gemeente te verhuizen naar het centrum. Bij lege panden wil de SP best kijken naar aanvullende maatregelen om deze een andere functie te geven.
ONTMOETEN
Rosita Bussink-Verheij (ChristenUnie) ziet in buurtcentra een maatschappelijke waarde, omdat deze ook de sociale cohesie vergroten. Zoals de Patrimoniumlaan, Prins Bernhardlaan en Zandstraat met lokale ondernemers. Bij leegstand wil zij geen maatregelen op deze locaties. Wel heeft zij vragen over de invulling van de winkelmeters in De Scheepjeshof. ProVeenendaal wil volgens Teus Nieboer het huidige beleid blijven volgen en bij leegstand vooral inzetten op verleiden panden te vullen. Het dorpse karakter in de aanloopstraten moet blijven. En de buurtcentra moeten een plek zijn voor de dagelijkse boodschappen en om elkaar te ontmoeten.
















