Afbeelding
Sasha Ushakova

Ook dat is Janneke: Mijn overtuiging klonk als een verstandige regel

11 maart 2026 om 15:14 Zakelijk Nieuws uit Veenendaal

VEENENDAAL Als ik hem voorbij loop, vraagt hij of ik geld voor hem heb. Nee, zeg ik. Nee, hoor ik nog een keer, achter me. Meerdere keren wordt hij afgewimpeld, soms zonder woorden. Alsof hij niet bestaat. De gedachte ‘geld geven, daar help je hem niet mee’ nestelde zich ooit in mij als een waarschuwing. Een overtuiging van lang geleden.

Ik zag hem al eerder. Hij draaide rondjes om een put in de winkelstraat en maakte gebaren tegen iets dat er niet was. Zijn handen bewogen driftig, alsof hij een gesprek voerde dat alleen hij kon horen. Soms wees hij, soms deed hij zijn armen omhoog, daarna weer leek hij iemand tot stilte te manen. Vaak hoorde ik hem al van ver aankomen, lachend en zingend.  

Ik heet Max en hoe heet jij? Verrast draai ik me om, kijk hem aan en noem mijn naam. Ik zie zijn helblauwe ogen oplichten als ik tegen hem praat. 

Hij vraagt waar ik woon, wat ik hier doe en of ik kinderen heb. Ik vertel over mijn kinderen en noem hun namen. We praten over zijn kinderen en zijn geboorteplek. 

Hij luistert met echte aandacht. Even laat hij mij dichtbij komen. Max doet geen enkele moeite om zijn kwetsbaarheid te verbergen. Ik krimp in elkaar als zijn stem hard en schel over de straat klinkt.

De ontmoeting dwingt me om bij mezelf naar binnen te kijken. Zijn beeld laat me niet meer los. Hoezo geef ik hem geen geld? 

Toen ik negentien was, ging ik voor het eerst naar een conferentie. Ergens achteraf op een veld was een gebouwtje waar ik met voor mij onbekende meisjes ging overnachten. Toen ik binnenkwam stonden ze met elkaar te praten. Ik liep naar een bed en zette daar mijn spullen op. ‘Nee,’ zei een meisje nadrukkelijk. Achteloos wees ze met haar vinger naar de verste hoek. Dáár kon ik slapen. In de ogen van Max zie ik een stukje van mezelf. Zijn kwetsbaarheid ligt op straat, die van mij zit goed verstopt.

Ik voel me vrij en vrolijk na ons gesprek. Ik trakteer, zeg ik uitgelaten tegen Max. Mijn overtuigingen zet ik zonder enige moeite aan de kant. In zijn ene hand ligt het geld. Zijn andere hand ligt op zijn hart. 

OVERTUIGINGEN

Mijn overtuiging klonk als een verstandige regel, maar het bleek vooral een automatische. In mijn werk als supervisor onderzoek ik met mensen dat soort overtuigingen. Wie heeft ze ons gegeven? Wanneer helpen ze ons? Ik leg jouw overtuigingen even onder het vergrootglas. Om ze samen met jou te onderzoeken.

Als dat je raakt: zet een stap. Een eerste stap, zo klein dat je hem bijna zou missen en tegelijk zo krachtig dat het alles verandert. 

Dat is waar mijn werk begint.
Janneke van de Peut:
observeren, stilzetten, denken.

Meer informatie daarover vind je op www.jannekevandepeut.nl 

Dit artikel wordt u aangeboden door Janneke van de Peut, tel: 06-36012343. Website: www.jannekevandepeut.nl Email: info@jannekevandepeut.nl