[‘Er liggen nog veel kansen voor de lokale journalistiek'

Hoogleraar Yael de Haan over de rol en toekomst van de huis-aan-huiskrant

11 april 2024 om 11:31

Een krant die zestig jaar bestaat? Dat moet natuurlijk gevierd worden. De Haan reageert enthousiast op het verzoek om haar te mogen interviewen voor deze jubileumkrant. De Amsterdamse doet als lector Kwaliteitsjournalistiek in Digitale Transitie aan de Hogeschool Utrecht al jaren onderzoek naar lokale journalistiek. Een greep uit andere onderwerpen van de onderzoeken die zij als hoofd van haar onderzoeksgroep begeleidt, zijn nieuwsmijding, de rol van kunstmatige intelligentie (AI) in de journalistiek en nieuwsgebruik onder migranten. Maar sinds haar aanstelling als bijzonder hoogleraar eind 2022, is lokale journalistiek een van haar grootste aandachtspunten. 

NIEUWSWOESTIJN ,,‘Nieuwswoestijnen’, daar kunnen we in Nederland niet van spreken.” De Haan begint positief als ik haar vraag hoe de lokale journalistiek er in ons land op dit moment eigenlijk voorstaat. Ze maakt de vergelijking met Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. ,,Daar zijn veel zorgen om lokale journalistiek. Het woord ‘nieuwswoestijn’ of ‘blind spot’ wordt vaak genoemd: op sommige plekken is weinig tot geen journalistiek.”


,,Hierdoor worden mensen in theorie niet geïnformeerd over de plek waar ze wonen. Ook mist er daardoor een ‘waakhond’ die de plaatselijke overheid in de gaten houdt. Dit komt doordat de journalistiek in die landen vaak een commercieel model heeft. In Nederland zit er wel verschil tussen provincies, maar veel gemeenten hebben een lokale huis-aan-huiskrant, regionale dagbladen en lokale en regionale omroepen.”


NIEUWE CONCURRENTEN Volgens de hoogleraar komt uit onderzoeken zelfs naar voren dat Nederlanders het gevoel hebben dat er juist heel veel lokale journalistiek is. ,,Alleen wat iemand onder journalistiek verstaat, is veranderd. Er zijn nieuwe spelers op de informatiemarkt gekomen, zoals gemeentebladen en Facebookgroepen. Ook zijn er steeds meer lokale nieuwssites, die niet vanuit een journalistiek medium zijn opgericht, maar door particulieren. Dit worden ook wel ‘hyperlocals’ genoemd. Er komen dus steeds meer concurrenten bij, terwijl het aantal huis-aan-huiskranten door een gebrek aan financiering is gedaald.” 


ZORGEN De Haan uit haar zorgen over deze nieuwe spelers. ,,Het verschil tussen een onafhankelijk huis-aan-huiskrant en een blad dat de gemeente met een bepaald belang uitgeeft, wordt niet altijd gezien. Ook bij de ‘hyperlocals’ is het de vraag of er geen bedrijfsmodel achter zit. Dat het steeds lastiger wordt om onafhankelijke journalistiek en niet-onafhankelijke informatie van elkaar te onderscheiden, vind ik geen goede ontwikkeling.”


BINDING MET LEZERS Op de vraag hoe je als huis-aan-huisblad blijft opvallen tussen al deze nieuwe concurrenten heeft De Haan een duidelijk antwoord: ,,Het heruitvinden van de lokale krant.” Ze legt uit wat ze bedoelt: ,,Vijftig tot honderd jaar geleden werd alles op één plek gedaan: daar werkte en woonde je en bracht je je vrije tijd door. Met die plek had je een binding. Tegenwoordig voelen we ons nog steeds verbonden met de plek waar we wonen, maar we hebben ook vaker een bepaalde levensstijl die verder reikt dan onze eigen woonplek. Daardoor voelen we een binding met meerdere plekken. Zo ontstaan er verschillende nieuwsbehoeften binnen een gemeenschap. Het is goed om jezelf als krant altijd af te vragen: wat bindt onze lezers naast hun geografische overeenkomst?”


KANS VOOR JOURNALISTIEK Twee nieuwsbehoeften die uit haar publieksonderzoek kwamen, zijn de ‘vertrouwde en de betrouwbare buurman’. Ze legt uit: ,,Mensen willen niet alleen weten wat er speelt, maar ook waarom en hoe erover wordt gepraat in hun gemeenschap. Die ‘vertrouwde’ reacties halen ze nu vaak van Facebook, maar ze weten dat dit niet altijd ‘betrouwbaar’ is. Daar ligt een kans voor de lokale journalistiek. Wat sociale media niet kunnen, kan een journalist wel: een onafhankelijk debatleider zijn in online discussies. De meningen van mensen op een rijtje zetten en er een onafhankelijk, betrouwbaar stuk over schrijven.”

De hoogleraar is dan ook duidelijk als haar wordt gevraagd of ze zich soms zorgen maakt over de toekomst van de lokale journalistiek: ,,Nee. Mensen willen gewoon heel graag over hun eigen woon- en leefomgeving geïnformeerd worden, blijkt uit verschillende onderzoeken. De kracht van lokale journalisten is dat zij weten wat er in de gemeenschap speelt. Daarin onderscheiden ze zich van de landelijke media.” 


INITIATIEVEN VANUIT OVERHEID De hoogleraar erkent dat het verdienmodel van huis-aan-huisbladen de kwaliteit ervan soms in de weg zit. ,,Er zijn steeds meer advertenties nodig om te blijven bestaan. Daardoor is er minder ruimte voor journalistieke inhoud. Daarnaast zijn er weinig lokale, onafhankelijke titels die echt verdiepende journalistieke verhalen brengen.”

Ook dat kan volgens De Haan te wijten zijn aan gebrek aan tijd en geld. ,,Maar de overheid heeft sinds kort een aantal initiatieven om de kwaliteit van privaat lokale media te verbeteren. Daar was tot nu toe weinig aandacht voor. Ze investeren bijvoorbeeld via het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek (waar De Haan bestuurslid is, red.) in de professionalisering van private lokale journalistiek.”


KRACHT VAN LOKAAL De hoogleraar sluit haar verhaal af door nog een keer te benadrukken wat de kracht van lokaal nieuws is. ,,Naast dat lokale journalistiek een informatiefunctie heeft en dient als waakhond van de lokale politiek, heeft het nog een belangrijke rol: het vergroten van het gemeenschapsgevoel", benadrukt ze. ,,Mensen zijn door lokaal nieuws op de hoogte van wat er speelt in hun gemeenschap, wat voor meer betrokkenheid kan zorgen. Je bent als krant geen sociaal werker, maar je kunt daar wel een hele belangrijke rol in spelen. En dat is juist in deze complexe, individuele wereld ontzettend belangrijk.”